Posts tonen met het label politiek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label politiek. Alle posts tonen

vrijdag 9 mei 2014

Kinderpardon? Die kinderen tellen helemaal niet mee?

De hoofdpijn zat verkeerd; dat begrijpen alleen hoofdpijnlijers. Daardoor ben ik niet bij de fysio gaan fitnessen. En dáárdoor zag ik na heel lang het wekelijks gesprek met de minister-president weer 'ns. En toen besloot ik deze blogpost te maken.

Want, meneer de minister-president, u klétst.

Het gesprek ging over het kinderpardon. Persoonlijk vind ik dat nog steeds een waanzinnige situatie; dat mensen die hier naartoe vluchten om welke reden dan ook, zich gedurende lange tijd onzeker weten over de beslissing. Ongeacht de reden voor die komst: dan hecht een mens zich. Paastakken hebben die neiging ook. Na Pasen nutteloos, mik je ze de tuin in waar ze na een week of twee plots aan de grond vast blijken te zitten, geworteld.

Maar wat me mateloos irriteerde aan Mark Rutte, is zijn manier van redeneren: het rutteneren. De truc is simpel: verander het onderwerp in een zin en ga daarmee verder.

Zo zag en hoorde je 'm het onderwerp 'bekend bij de overheid' terugbrengen naar 'rijksoverheid'. Da's best lastig, want wat is dan de reden dat die rijksoverheid zo belangrijk is?

Nou, omdat die gemeente(n) niet te vertrouwen zijn. Als ik het samenvat:
Landelijk toezicht hebben we zicht op. Gemeentelijk is buitengewoon divers.


Rutte draait als een tolletje op volle toeren. Hij neemt als het hem uitkomt een opmerking als "maar die kinderen volgden hier onderwijs", als indicatie voor het actief deel nemen aan de samenleving en niet als kalveren naar de slachtbank, maakt-i dat onderwijs geen toezicht is (dat werd ook niet bedóeld):
Want dan zou onderwijs ook ook belast worden met andere maatschappelijke taken. En juist omdat het zo'n lappendeken is, moet je uitgaan van een standaardregeling die gaat uit van het landelijk onder toezicht staan, ook omdat je dan zeker weet dat die gezinnen met die kinderen zich niet toetrekken aan het toezicht, zich niet onttrekken aan het volledig meewerken aan het volledig afwikkelen van hun asielaanvraag.


De kinderen worden feitelijk buiten beeld geschoven. Daar gáát het niet over, over kinderen in dit kinderpardon; het gaat over het actief meewerken aan de afwikkeling van de asielprocedure. Let wel, kínderen hè. Dat is nu boerenslim verschoven naar gezin, naar volwassenen, naar de redenering van een kille technocraat.

Echt dieptriest is het moment waarop verkéérsovertredingen ter vergelijking worden aangehaald. Een snelheidsovertreding zou leiden tot een vrijbrief. Néé, herr Rutte, het gaat over een snelheidsovertreding waarvoor je vijf later de bekeuring op de deurmat valt. Niks, vrijbrief.

Volgens Rutte gaat het dus om mensen die zich onttrekken aan de asielprocedure,(en die níet de illegaliteit zijn ingegaan, stelt de interviewer vilein vast) maar "die op een of andere manier nog gemeentelijk zichtbaar zijn. Da's prima, maar daar kun je geen landelijke regelgeving op maken."

Een gotspe haast. Want deze combi van VVD en PvdA is wel bezig de gemeenten verantwoordelijk te maken voor veel uitvoering(sbeleid) op terreinen als zorg, jeugd en werk en inkomen. Blijkbaar hebben alle critici gelijk die beweren dat dat een rommeltje, een lappendeken wordt. of zou het allemaal selectief waar zijn?

We hebben het over 600 gevallen. Laten we zeggen 2500 personen op een bevolking van 16.849.157 inwoners op vrijdag 9 mei 2014 20:31:56 GMT +02:00 (CBS-teller). Dat ga je niet eens in procenten uitrekenen omdat het net zoiets is als in een regenbui je druk maken over een druppel uit een kraan.

Een laatste kromheid dan. In een zeer zwakke en feitelijk walgelijke poging de handen schoon te wassen, pleit de cryptoVVDer Samsom voor 'ruimhartige toepassing' van bijvoorbeeld de discretionaire bevoegdheid van Teeven. Maar
discretionaire bevoegdheid werkt alleen als we ons er niet allemaal mee gaan bemoeien.


Hoe dom kun je zijn. Discretionair betekent helemaal niet 'geheim'. Het betekent 'ter beoordeling aan'. Maar het tekent wel de mentaliteit van deze regering en zijn vazallen - opvallend toch hoe Rutte Samsom bijna als mede-regeringslid positioneert - denken over zichzelf, beleid en ons kiezers. Verantwoording via openbaarheid? Nee, hoor, niet nodig en zelfs ongewenst.

En dan heb je nog niet eens de hapering gehoord toen Sven Kockelman, de interviewer, Rutte voorhield dat we niet hebben over mensen die in de illegaliteit verdwenen en Rutte plots de gemeente zag opdoemen in zijn eigen redenering.

De citaten zijn 99,9% woordelijk. Voor de ongelovige; hier is het interview te zien.

vrijdag 18 april 2014

Dualisme

Leiding geven en sturen zijn lastig om goed te doen. Alhoewel het land inmiddels is vergeven van de leidinggevenden zijn er maar weinig leidinggevenden. Dat vereist charisma en visie, waarop gezag is gestoeld. De misleiden van nu die zichzelf leiding vinden geven, doen dat in negen van de tien gevallen op basis van macht.

In de gesprekken die ik de afgelopen maanden met Leidse politici voerde, kwam het verschijnsel leiding geven ook aan de orde. Met gedachten die de moeite waard zijn om bij stil te staan.

Er lijkt in Leiden een zekere consensus te bestaan dat een stadsbestuurder aan vier jaar te weinig heeft. Eigenlijk zou hij er zes moeten hebben om plannen voor te bereiden en uit te voeren.

Dat klinkt logisch. Maar het reikt óók een mogelijke verklaring voor de inertie aan die 'de overheid' karakteriseert in de ogen van half Nederland. Leiding geven is níet afhankelijk zijn van de omgeving, maar in wat zij de politieke realiteit noemen is dat wel de situatie. Leiding geven bij de overheid zou dan níet lijken op leiding geven elders.

Daarin zit een grote, harde kern van waarheid. De vraag is of je die moet accepteren als onvermijdelijk. Dat leidt tot (de indruk van) besluiteloosheid en zeker tot machtsstrijd als gevolg van onduidelijke krachts- en machtsverhoudingen. Gezaghebbend leiderschap heeft een functie. Zeker overleg op basis van gelijkwaardigheid - level playing field - kan niet goed zonder zo'n gezaghebbend knopendoorhakker.

Blijkbaar is 'de overheid' daar niet goed in (en z'n semi-publieke sector trouwens evenmin), waardoor het niet zozeer een kwestie is van meer tijd aan de wethouder gunnen als gezaghebbende wethouders. En dan moet je de oude gedachte van de vierde macht weer eens afstoffen. Want dat gezag krijg je niet als wethouder. Dat word je gegund, vooral ook door je ambtenaren. Die weten dat. Wellicht ken je de voorbeelden zelf? Overleg, leidend tot een moeizaam akkoord waar niemand zich helemaal wel of helemaal niet in vind, en dan, na de vergadering en afspraken, niets ervan uitvoert.

Zeker, er valt iets te zeggen vóoŕ die zes jaar. Net zo goed als dat er valt te zeggen vóór een prestatieafspraak.

Wie met wethouders spreekt, krijgt de indruk dat zij over het algemeen tevreden zijn over het duale stelsel waarin de gemeenteraad vooraf de koers uitzet en gedurende de rit op hoofdlijnen controleert. Mij lijkt dat ook logisch. Een eng keurslijf en op je vingers kijkende raadsleden geeft niet allure en vrijheid van een bestuurder, maar van een uitvoerder. Vrijheid van handelen en zelf kunnen reageren op (veranderende) omstandigheden, is dan veel aantrekkelijker. Helemaal mee eens.

Toch is die verhouding ongelooflijk essentieel, omdat het eerder een bestuur is met twéé kapiteins dan met één. Ja maar, zeg jij, in ziekenhuizen en theaters gaat dat ook goed met een zakelijk directeur en een inhoudelijke? Nog afgezien van wie een mogelijke onenigheid 'wint' - ik gok op de zakelijke overweging - is de verhouding anders. Het zijn niet twee meningen, maar een mening en een serie meningen die samen moeten optrekken. Alsof je samenwerkt met een collega die zijn standpunt nog niet heeft bepaald en daar ook nog wel even mee bezig is.

Een bestuursakkoord, dus? Daarin regel je de basale zaken, zoals ondermeer dit:

Over het vertrouwen

- het vertrouwen in een wethouder niet op te zeggen, als deze ander beleid uitvoert dan de eigen fractie voorstond of voorstaat; de enige manier om dat beleid te stuiten is door een raadsmeerderheid te vinden die het onderliggende besluit wijzigt;
- de vertrouwensregel uitsluitend te gebruiken binnen de controlerende taak van de raad; als gevolg hiervan valt een college niet als een wethouder moet aftreden, maar wordt deze vervangen door de partij waaruit hij/zij afkomstig is, dan wel wordt desgewenst een andere
partij in het college betrokken;
- beheersing te betrachten in de beoordeling van bestuurlijk handelen wanneer dit individuele en incidentele gevallen betreft waarbij de gemeente een bijzondere verantwoordelijkheid heeft.


Over de omgang met elkaar

- respectvol te zullen omgaan met elkaar, met alle inwoners, met partners en ambtenaren, zoals ook opgenomen in de gedragscode voor raads- en commissieleden;
- terughoudend te zijn met het agenderen van individuele en incidentele kwesties , zoals die mogelijk voortkomen uit de decentralisaties in het sociale domein;
- om in stellingnames het belang van en de omgang met de minderheid mee te wegen.


Het zal mijn kritische ik zijn die me toefluisterde: met dat eerste aandachtstreepje zet je de raad aardig op afstand als je dat wenst en partijen buitenspel. Je zal maar een wethouder naar voren schuiven die niet sterk in z'n schoenen staat en opschuift.

Zou je dus niets kunnen zónder de steun van de partijen die daardoor sterker werden?!

zondag 9 maart 2014

Politiek: invasie van gedachtendieven

De afgelopen weken laait de politieke strijd om jouw stem weer op. Het is een prima tijd om je voorraad gratis balpennen, notitieblokjes en zelfs schuursponsjes aan te vullen. Net zoals gratis op het Internet niet gratis is, maar een ruil tegen jouw privacy, zo moet je voor die balpen dan wel even beleefd een wervend praatje aanhoren. Voor niets gaat (nog) de zon op...

De tijd ook voor extra aandacht voor politici. Eindredacteuren die vragen om nieuws uit 'de debatten' en verslaggevers die braaf die debatten aflopen, aanhoren en verslaan.

Debatten die zelden interessant zijn voor de kiezer.

Mij blijft het frapperen. Natuurlijk is het waar dat politici zich, generaliserend, marginaal interesseren voor de kiezer. Eens per vier jaar is de aandacht er en twittert, facebookt en begeeft de hele politieke gemeenschap zich onder het volk dat het een lieve lust is. Maar communiceren, ho maar.

Is het je weleens opgevallen dat er zelden tot nooit een debat is van één politiek dier met het publiek? Of voor mijn part een panel met het publiek? Het publiek mag, vaak als laatste, vrágen stellen. Het debat is tussen de dames en heren onderling. Dat het op details vliegen afvangen alleen interessant is voor ingevoerden als zijzelf en de politiekverslaggever van het plaatselijk blaadje, dát ontgaat ze.

Jazeker, je kijkt naar een toneelstuk.

Een goede reden dat zo te stellen, denk ik te hebben gevonden in de interviews die ik deed en doe met politici. Zeker in de reeks die nu wordt gemaakt, valt het op.

Een politicus voor de zoveelste keer vragen naar zijn partijpolitieke standpunten, zijn behaalde resultaten en zijn doelen voor de komende vier jaar, leek me overbodig. Nog afgezien van de vraag of dat allemaal wel zo realistisch is onder continu veranderende omstandigheden, ben ikzelf veel meer geïnteresseerd in de drijfveren van mensen. Liggen díe me me, dan is dat een belangrijke reden mijn stem op die persoon uit te brengen.

Mijn insteek voor de interviews is dus een laag dieper te graven. Wat brengt iemand ertoe de politiek in te gaan? Hoe denk je over 'het volk' en de verhouding tot hen? Hoe ga je om met dilemma's en wat is je wereldbeeld? Ik kan zeggen dat lokale politici die vragen blijkbaar niet vaak krijgen en soms gewoon echt geen antwoord hebben. "Jee, waaróm zit ik eigenlijk in de politiek? Goede vraag. Daar heb ik eigenlijk (al lang) niet over nagedacht." Ja, dit was een écht antwoord.

Maar er is iets anders, veel interessanter vind ik, vast te stellen.

Als je een kandidaatreaadslid interviewt, kun je zo'n gesprek wel voeren. Het kost zo'n drie kwartier koudwatervrees overwinnen, maar dan willen ze meestal wel, bewust of onbewust. Maar ex-wethouders zijn een voorbeeld van hoe mensen kunnen worden overgenomen door andere entiteiten. Ze zien er nog steeds hetzelfde uit, maar ze zíjn anders.

Het verklaart waarom veel voormalig landelijke politici plots andere zienswijzen lijken te hebben dan in hun politiek-actieve periode. Toen waren ze zichzelf niet. Ze deden wat ze dáchten dat ze moesten doen in het belang van hun functie. Kiezers voelen die onechtheid. Als dan, later, kritiek wordt geuit op 'toen' dan is het wantrouwen bevestigd. Lokaal gebeurt precies hetzelfde.

Het zou 'de democratie' en ons keuzeproces reusachtig hebben geholpen en helpen als politici integer zouden zijn naar zichzelf in plaats van naar de partij of de functie. Dan krijgen gedachtendieven geen kans.

dinsdag 5 november 2013

Microscopisch kleine baantjes

Het is een advertentietekst geweest, die aan de datumstempel te zien, ergens rond 5 november van het afgelopen jaar in de dagbladen stond.

20131105-180934.jpg

De aantekening die erbij staat, is niet meer dan de koptitel: microscopisch kleine baantjes.

Dat is precies wat bij mij werd opgeroepen. Postbezorger is een baantje dat je niet kunt zien als een volwaardige baan waarvan je kunt leven. Nee, hij wordt zo slecht betaald dat er andere banen nodig zijn om een acceptabel inkomen te krijgen.

Maar dat je dan als bedrijf ongelooflijk domme grapjes maakt óver die aanvulling, kan er bij mij niet in. Da's geen lolligheid meer. Da's zelf aantonen hoe a-sociaal je als werkgever bent: je betaalt te weinig en je waardeert je medewerkers ook nog 's als niet serieus te nemen door ze op één lijn te plaatsen met fictieve sprookjes- en vertelselbaantjes als 'schoenvuller' of 'kerstboomoptuiger'.

Maar goed, over PostNL hoef je niemand meer iets wijs te maken. De post wordt met de dag slechter en minder bezorgd. Het personeel wordt niet laag betaald, maar uitgebuit. Van de nationale trots PTT is niets, maar dan ook helemaal niets meer over.

De zalvende woorden van de dames en heren politici zijn inmiddels ranzig geworden. Nederland zou niet de weg inslaan die leidt tot verslechtering van de infrastructuur. De broekriem moest worden aangetrokken en het zou voor iedereen een stukje minder worden. Maar "na het zuur komt het zoet" zo sprak de christen-democraat Balkenende.

Als je maar lang genoeg wacht, is dat nog waar ook. Dat je daarbij wel de vraag zou moeten stellen wíe dan wel dat zoet gaan krijgen, is ook waar.

Want Nederland is definitief weg van de positie als Verstandig Land met Echt Sociale Voorzieningen. In minder dan vijf jaar hebben CDA, VVD en PvdA die onherstelbaar afgebroken. De vazallen D66, SGP en CU stonden erbij.

Het is een voldongen feit.

De afbraak is te ver om te worden gecorrigeerd. Eerlijk is eerlijk: er zitten ook goede kanten aan. Het opvallendst is echter dat de stapeling van negatieve effecten niet willekeurig is. Vooral de lage en midden-inkomens krijgen klap op klap.

Met name de structuurveranderingen zijn verontrustend. Zorg? Het is nú zo dat je die moet kunnen betalen. Dat aanvullende verzekeringen afnemen, is geen bewijs voor zakelijk handelen. Het is ook en vooral een noodzaak voor velen. In de Verenigde Staten zijn ze juist op de terugweg van die situatie omdat onverzekerdheid een gróót probleem is.

Werk? Dat gaat flexibel worden. Leuk voor mensen met vrije beroepen, die zich vroeger als free lancer verhuurden. Het is een eufemisme voor een garantie op een onzeker, stressvol, ongezond bestaan voor de ondersten in de pikorde die arbeidsmarkt heet. En, inderdaad, dat heeft gevolgen voor de zorg die je nodig hebt. Raad eens wie de beperktste toegang heeft.

Onderwijs? Stokpaard van de vijfde colonne van de VVD, D66 dat zich op de borst slaat voor zijn pleidooi voor meer ruimte voor onderwijs. Jammer dat dat zelden over het lagere beroepsonderwijs gaat, anders dan als rituele tegenhanger voor pleidooien voor prestatie-onderwijs, "verlaten van 'de zesjescultuur'" of excellerende universiteiten.

Zou Castells toch gelijk krijgen? Dat er een klasse onstaat van nuttelozen, mensen die ook nergens mee worden geholpen en eigenlijk alleen maar ballast zijn.

zaterdag 8 juni 2013

Verplichte mantelzorg: contradictio terminus

Kwaad kan ik worden over het aan de haren erbij fantaseren van 'beleid', 'visie' of 'ideologie, bij platte bezuinigingen. Politici ontpoppen zich steeds vaker als lafaards. In plaats van een standpunt in te nemen als "Ik ben van mening dat het zus of zo moet", verschuilen ze zich achter lafbekkerig "het kan niet anders. Het moet zo". Dat is precies dezelfde categorie als de beambte die stelt dat 'hij alleen maar regels uitvoert' of de leidinggevende die slecht nieuws brengt als 'is van hogerhand besloten'.

In de (thuis)zorg zijn ze daar ook aan het zieken. Mantelzorg is ervoor verkracht. Mantelzorg was ooit de term waarmee de informele hulp werd aangeduid die familie, vrienden en buren elkaar verlenen. Vrijwillig. En voor de zoveelste keer laat de PvdA zijn ware aard en gezicht zien: staatssecretaris Van Rijn is in staat met droge ogen de inzet van mantelzorgers noodzakelijk te vinden omdat we teveel op de overheid steunen. Wat een belachelijke onzin.

We betalen belasting. Die belasting is bedoeld om collectieve voorzieningen uit te betalen. Het was wat onvoordelig als alle steden in Nederland afzonderlijk hun verdediging regelden. Een staand leger was handiger. Het was toch echt teveel gedoe om wegen aan te leggen van A naar C, als B daarin dwars lag. Dat landelijk regelen was toch echt handiger. Dat geldt voor de zorg ook: in de zorg worden geen nutteloze of zinloze diensten aangeboden, maar al die zorg waarvan we als beschaafd land vinden dat die voor iedereen beschikbaar moet zijn.

Je hebt helemaal niet veel woorden nodig. Natúúrlijk kijken we naar de overheid. Daarvoor betalen we belasting. Meneer Van Rijn c.s. zijn bezig hun verantwoordelijkheid te ontlopen en zich te verschuilen.

Laf. Smerig laf. Want degenen die met de gevolgen van dat gedrag worden opgezadeld zijn niet zíj, maar mensen die geen talloze opties hébben.

Ménsen. Mensen die nu al jaren gestrest zijn door die besluiteloosheid. Of dachten de dames en heren dat dat zwaard boven het hoofd van Damocles níet stressvol was? Wat denk je dan van zieke en oude mensen die die onzekerheid ervaren als een rit richting de afgrond in een gammele bus zonder remmen?

Dát kan me echt ergeren. Of het nu wel of niet beredeneerd kan worden; het getalm en gedraai gaat ten koste van ménsen. Op dit moment vermalen en vermorzelen de politieke molens de kiezers. Zij het wel specifieke groepen. Binnenkort heeft meneer Van Rijn geen zorgen meer: dan is zijn electoraat verdwenen. En hij ook. Terminus.

maandag 19 november 2012

Rot toch 's op met je lijstjes!


Lijstjes; ik heb er zo'n hekel aan. Freudiaans geduid ongetwijfeld omdat ik nooit een lijstje heb aangevoerd en dus gewoon jaloers ben. Maar als ik er zelf antwoord op mag geven, dan is het eerder zo dat ik de overtuiging ben toegedaan dat ranglijstjes iets proberen te ordenen dat veel te dynamisch is of te complex om te ordenen. De enige uitzondering, en daar komen ze dus ook vandaan, zijn de sportwedstrijden; daar kun je op basis van de wedstrijduitslagen en de spelregels een redelijke lijst maken. Alhoewel.... het is ook wel weer tekenend als voetballiefhebbers het hebben over de verliezer die 'toch wel het mooiste voetbal liet zien'. Kortom, rangordes zijn nogal ingewikkeld. Zoals zoveel.

Afgelopen vrijdag barstte Twitter weer 's haast uit z'n voegen. In de wereld van de dode bomen - de schrijvende en gedrukte media - heeft de De Volkskrant zich vergaloppeert aan een lijstje: dat van de twitteraars onder de invloedrijken. In de zaterdagbijlage Magazine gaat daaraan de nodige aandacht worden besteed. Op de digitale versie van de De Volkskrant stond dit
<br /><a href="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/11/20121116-165221.jpg"><img src="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/11/20121116-165221.jpg" alt="20121116-165221.jpg" class="alignnone size-full" /></a>

In de jaren zestig deed een onderzoek naar netwerken stof opwaaien. In zijn studie toont Mertens aan dat Nederland feitelijk wordt geleid door tweehonderd personen: de 200 van Mertens, een netwerk van <em>old boys and girls </em>in bestuursfuncties. In <em>Graven naar Macht</em> doen Mokken en Stokman dat nog eens, breder, over; met vergelijkbaar resultaat. Netwerkanalyse is in beeld, als indicator voor het hebben van mácht. Wat ik niet wist - nu wel - is dat Twentse Courant Tubantia in samenwerking met TU Twente in 2011 een onderzoek is begonnen naar de machtstructuur in Twente: <em>Macht in Twente</em>, met een <a href="http://www.utnieuws.nl/nieuws/netwerkanalyse-over-macht-twente">rapport</a> en een mooie <a href="http://data.wegenerweb.nl/tctubantia/machtintwente/index.html">visualisatie</a>. Wat Mertens nog 'met de hand' moest doen, gebeurt nu in een spreekwoordelijke oogwenk, en mooier!

Lidwien van de Wijngaert, de onderzoekster, zegt over het onderzoek
<blockquote>‘Het project van de Twentsche Courant Tubantia is voor mij een middel om het denken in termen van netwerken onder de aandacht te brengen. Ik hoop zo een mind set te realiseren waarbij het kijken naar relaties centraal staat. We denken nu nog vaak in termen van groepen.’</blockquote>

Dat is eigenlijk wat in de reacties op Twitter op het lijstje van de De Volkskrant ontbreekt: het besef dat macht in relaties zit opgesloten en dat daarmee invloed niet is beperkt. Wil je invloedrijke mensen identificeren, dan is zo'n overzicht als de De Volkskrant blijkbaar maakte wel degelijk relevant.

Al is het maar om duidelijk te maken dat in het dagelijks leven invloedrijke mensen niet per sé veel twitteren, dat invloedrijke twitteraars iets anders zijn dan invloedrijke mensen in het dagelijks leven, en dat de invloed van Twitter er wel ís maar moet worden gerelativeerd.

Lijstjes zijn dan té eenvoudig, alhoewel leuk tijdverdrijf. Jammer genoeg betekent het relativeren ook nuanceren en de meeste mensen willen dat niet. Die zoeken: "wie is nu de beste, belangrijkste, grootste, dikste, rijkste, invloedrijkste?", waarbij het antwoord keer op keer zou moeten zijn "Nou, dat hangt er dus maar net vanaf hoe je dat wilt zien en meten".

Lullig, maar waar: lijstjes zijn meestal niets meer waard op het moment dat ze zijn gemaakt.

donderdag 20 september 2012

Onzin: een dag arm zijn

Wat is eigenlijk zwaar werk? Natuurlijk fysiek zwaar werk is zwaar. Het moeten sjouwen met stukken ijzer, met zakken cement of met tassen stenen is niet voor niets beperkt. Een opperman is inmiddels vervangen door een bouwlift. En een theatertechnicus mag niet meer omhoog op een losstaande ladder of trap met in iedere hand een vrij zware spot. Hij heeft, als het goed is, een schaarkraantje tot zijn beschikking.

20120920-193113.jpg

Inmiddels zijn we er achter dat fysiek zwaar ook alles te maken heeft met tijdsduur. Een stratenmaker zit jaar in, jaar uit, seizoenenlang gebogen patronen te straten. Dat sloopt je rug. En gelukkig is er voor de grote oppervlakken nu ook mechanische hulp waarmee in één vierkante meters kunnen worden gelegd. Maar het fijnere werk moet nog steeds geknield worden gedaan, hoor. En de gemeentelijke tuinman die onkruid schoffelt, doet dat nog steeds dagen achter elkaar. Of de buschauffeur; het is al stukken beter, maar temperatuurwisselingen en schokken zijn er nog steeds. En dan hebben we het nog niet eens over de stress die wij als altijd-vriendelijke passagiers oproepen.

Maar het ergerlijkst is het idee dat er ook beroepen zijn die iedereen wel kan omdat ze niet zo zwaar zijn. Misschien lichamelijk niet, maar emotioneel wel degelijk.

Het is een pure farce als mensen 'een dagje meedraaien om het werk te ervaren'. Politici, directeuren, televisie'persoonlijkheden': als je echt wilt ervaren hoe zwaar sommig werk is, hoe moeilijk sommige situaties zijn, dan moet je het lef hebben je er helemaal in onder te dompelen. Dan moet je proberen een jaar op bijstandsniveau te leven met de wérkelijke dreiging je huis te verliezen of gas, water of licht afgesloten te zien. Dan moet je minstens een half jaar gaan werken in een verzorgingshuis.

Je kunt natuurlijk óók eindelijk eens goed luisteren naar wat mensen die dit werk doen, eigenlijk zeggen, uitschreeuwen. Dat het zwaar is. Dat het slopend is. Dat er meer mensen en geld nodig zijn. Dat er véél te eenvoudig over wordt gedacht.

20120920-193056.jpg

Toen ik studeerde heb ik vier weken gewerkt als verpleeghulp op een afdeling patiënten met het Syndroom van Korsakow. De eerste dag was het leuk: mensen die twee broeken over elkaar aantrekken, die in verkeerde bedden gaan liggen, die na 2 meter - echt - al zijn verdwaald. Na een week werd het al wat minder: die handelingen werden iedere dag op precies dezelfde manier hethaald. En na vier weken ben je blij dat je die 'grappige situaties' niet voor de zoveelste keer hoeft mee te maken. Je hebt engelengeduld nodig, heel veel engelengeduld.

Vandaag moest ik daar weer aan denken toen één van de mensen die ik ophaalde voor de dagbehandeling me hetzelfde vertelde als vorige week, en de weken ervoor. Dan schiet ineens door je hoofd dat 'in de politiek' nog wel het beeld bestaat dat deze vorm van zorg 'door veel meer mensen kan worden gedaan'. En je hoort ze er bij denken 'dat kan toch niet zwaar zijn: koffie geven, dagbestedingsactiviteiten, dagjes uit'.
Het is net zo schandalig als denken dat 'arm zijn in Nederland' hetzelfde is als 'niet met (weinig) geld kunnen omgaan'.

Misschien hoor jij ook wel bij de mensen die er zo over denkt. Dan moet je eens proberen of je het meer dan een jaar volhoudt iedere dag dezelfde verhalen te horen of het doodsklamme gevoel te hebben dat je geen geld hebt om te overleven, laat staan om nog andere mensen te zien.

Want dáárin schuilt de zwaarte: in de tijd en de slopende effecten daarvan.

20120920-193836.jpg