Posts tonen met het label opvoeden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label opvoeden. Alle posts tonen

woensdag 21 mei 2014

Vlees en bloed

Wij hebben zo'n vijfentwintig jaar kinderen.

Katten hebben we sinds we in Leiden wonen; laten we zeggen vijfendertig jaar. We versleten er een stuk of zes, zeven. Ik realiseer me nu dat ik de tel kwijtraakte. De allereerste waren broer en zus. Die zijn, net als alle andere na hen, 'geholpen'. Wie daarmee is geholpen, bleef wat in het vage. De beestjes werden wel rustiger, huiselijker en vadsiger (vanaf dag één ging daarom hun hoeveelheid voedsel naar de helft van de dag ervoor).

Dan heb je dus plots levende wezens waarvoor je verantwoordelijk bent. Broertje bijvoorbeeld bleek, net als meer gecastreerde katers ontdekten we in de daarop volgende jaren, blaasproblemen te ontwikkelen. Duur dieetvoer, waarop onze huidige vijftienjarige al meer dan tien jaar leeft, werkte niet.

Een probaat middel wél: zijn penis werd geamputeerd en vervangen door een bredere uitweg. Dat bleek een soort ventielslangetje met een rozetje vastgezet onder de huid. Hij kon in elk geval niet meer verstopt raken en daardoor het tijdelijke voor het eeuwige verruilen, ondanks zijn meerdere levens.

Van die surrogaat penis kreeg-i er uiteindelijk drie of vier, voordat de dierenarts en wij vonden dat het nu toch wel belastend begon te worden. Voor de kat natuurlijk.

Die beestjes brengen toch wel zorgen met zich mee.

Eén van de heren vonden we 's avonds in de slaapkamer. Toen we daar naar binnen gingen en het licht aan deden, leek het een moord scene: overal bloed. Meneer zat onder het bed. Z'n schedel lag open en leek op een fontanel, maar dan ongewenst. Waarschijnlijk was-i aangereden. Het is weer goed gekomen. Maar de verrassing, schrik en daarna zorgen vergeet je niet 1-2-3.

Een andere kat was onfortuinlijker. Die liep achter de kinderen aan naar school, maar keek niet goed uit. Volgens de stadsreiniging, die je toen kon bellen als je huisdier zoek was, was er wel iets gevonden dat op een rode kater leek. Maar het kon evengoed iets anders zijn.

Kortom, die beesten leveren hoofdbrekens op. Ze lopen weg en komen al dan niet terug. Ze vechten en komen dan zwaar bloedend, met een los oor of een gebroken poot naar huis. Verbazingwekkend hoeveel pijn ze doorstaan. Een gebróken poot en dan wekenlang zonder janken, piepen of miauwen hinkend door het leven gaan.

En soms moet je ze laten inslapen. Katten houden, betekent Gods oordeel vellen. Da's niet leuk, maar wel nodig.

De kinderen hebben we vijfentwintig jaar. Da's uiteindelijk toch lastiger dan katten.

Allebei, de katten en de zoons, krijgen een totaal oordeel 'leuk en onvervangbaar'. Maar wat vies tegenvalt, is dat kinderen meer een eigen wil hebben. Waar vader en moeder kat de jongen in zo'n geval meteen de spreekwoordelijke deur uitschoppen - of de kittens zien verdwijnen met wildvreemden - zo zitten wij ons hele leven aan de kinderen vast. Ze gaan nooit meer weg.

Ouders willen het beste voor hun kroost. Of het kroost hetzelfde idee heeft, is nog maar de vraag. Met als gevolg dat dat geregeld níet spoort. Of ze ontwikkelen de foute - andere - politieke inzichten. Of ze studeren niet, dan wel iets onbetekenends. Of ze maken de verkeerde sociale keuzes.

Stippel niks uit en lijd in stilte en eenzaamheid. Ze komen wel op hun pootjes terecht. Dat is wel de gedachte waaraan ik me nu vasthoud.

Eén van onze zoons maakt er een zooitje van; meer dan één blogpost aan kan. Nu hij kortgeleden een nieuw dieptepunt bereikte, schoot even door me heen dat toen hij vijfentwintig jaar geleden werd geboren in de wieg een vrolijk mensje lag. Een mens met een heel leven aan kansen vóór zich.

En dat je in de loop van de jaren jóuw projectie van zíjn gelukkig leven ziet verflauwen. Niet dat dat betekent dat het allemaal doffe ellende is. Het is hun zelfstandig worden en zijn.

Misschien is dat ook zoiets wat je in de loop der jaren door ervaring leert. Dat ook je ideeën over het hebben van kinderen behoorlijk geromantiseerd zijn en als je je dat te laat realiseert grote problemen kunnen ontstaan. Jouw 'vlees en bloed' betekent niet alleen dat het onvervreemdbaar aan je vast zit.

In tegenstelling tot die katten blijft het - normaliter en op afstand - ook bij je. Het bouwt een eigen leven op. Maakt eigen keuzes. Maar tegelijk moet het sinds kort plots ook worden gezien als een oudedagsvoorziening.

Da's maf. Want waar is dan het moment dat je, in de betekenis van een zórgrelatie, kind-af bent?

maandag 25 november 2013

moeders en dochters

Ik schat dat ze een jaar of achttien is. En haar moeder vijftig. Zoiets. Ze stonden voor me in de rij om geld te storten.

Dochter gebleekt haar met zwarte strengen erdoorheen. Een grijswitte ruimvallende trainingsbroek van de soort Kijk Mijn Strakke Fitnessbillen Eens. Maar dan net niet. Grote gouden oorringen, een decolleterend tshirt en een bontkraagjack maakten de outfit af.

Ook ma was iets van 1.60 meter hoog en vergelijkbaar gekleed. Een strakke witte legging met goudstiksels aan de zijkant. Godzijgeprezen was die legging ondoorzichtig, maar haar blauwe Croqs maakten dat meer dan goed. Geblondeerd en gepiekt haar, een tenger figuur en een gewatteerde knielange jas maakten het beeld af.

Zelfde soort kleding, zelfde bouw, dat moest haast wel die mannenvreemde verhouding zijn van moeders en dochters als vriendinnen. Een raadselachtig fenomeen waarin wij mannen toch enige jaloezie menen te bespeuren omdat het vaker de moeder is die zich richt op de jeugdmode dan andersom.

Hoe je je kunt vergissen.

"Ken je niet telluh, jeuh. Stomkop. D'r staat dertig euro op de rekening. Hoeveel moet er dan nog bij?". Dat was dus de dochter tegen de moeder.

In de vijf minuten dat ze in de weer waren met het apparaat ging dat op die manier door. Over de biljetten die gekreukt het apparaat in ging en 'dus' werden geweigerd. "Godver.". Over de totale hoeveelheid geld die nodig was en er in werd gelegd en weer er uit werd gehaald. "Kíjk dan effe op je telefoon hoeveel er nu op staat. D'r moest geen honderdtien maar negentig bij". Meteen weer een graai in de machine om er een paar biljetten uit te pakken. "Godver, trut, nou weet ik het niet meer.".

Half omgedraaid tegen de machine aanleunend en op haar telefoon kijkend, wachtte dochterlief uiteindelijk op het recuutje. "Pak die pas er nou uit!"... Nu mocht ik.

Het heeft iets vreemds: jonge mensen die zo tekeergaan tegen ouderen. Uit de manier praten en reageren kon je opmaken dat het voor hen de gewone manier van converseren was. Maar toch.

De woorden zijn bijna verdwenen, want de snotaap is tegenwoordig de gewoonste zaak van de wereld. Dat is niet de deugniet, de dondersteen of de Pietje Bell. De snotaap is het brutaaltje dat respectloosheid tot standaardreactie heeft gemaakt. Snotapen willen nogal eens uitgroeien tot kleine gezins-terroristen; van die krengen die hun zin doordrijven bij ouders die daar geen echt antwoord op hebben.

Soms denk ik dat de generaties na de mijne steeds verder zijn weggedreven van het idee dat samenleven en opvoeden balanceer-acts zijn. Er ís geen absolute waarheid of oplossing. Het is de omgeving, de situatie, de context die bepaalt wat een betere keuze is dan een andere. Nóóit straffen, áltijd belonen, áltijd praten; het bestaat niet in die absolute vormen. De uitersten zijn zelfs slecht; zoals alles wat té is, slecht is.

Op weg naar huis werd ik bijna omver gefietst door twee jongetjes die door de winkelstraat fietsten. Zij zeiden niets. Ik ook niet. Eigenlijk fout. Maar ik fietste vroeger ook zo over de stoepen.

maandag 5 augustus 2013

De functionele tent-indeling

Ze kwamen op een zaterdag terwijl wij weg waren. Bij terugkeer stond-i er: een blauw met oranje bungalowtent met eromheen de gevolgen van een soort bominslag.

Een nieuwe omgeving maakt altijd onzeker. Waar staat alles? Waar laat je alles? Waar vind ik wat? Je moet echt je draai vinden.

Heel lang geleden ben ik begonnen met het bepleiten van het denken in termen van life events. In mijn ogen zijn dat ingrijpende veranderingen in je bestaan, waarbij ingrijpend wordt gekarakteriseerd door zijn complexiteit en meerlagigheid. Je leven staat even op zijn kop en de effecten reiken tot in meerdere domeinen van je bestaan. Bekende life events zijn geboorte en dood. Maar ook baanverlies, inbraak(!) en verhuizing horen ertoe.

Life events zijn géén instrument, zoals mijn vorige werkgever maar blééf denken, maar een manier van kijken, beoordelen en werken. Een methodiek?! Dat eerder, ja. Mijn insteek is altijd geweest een alternatief te bieden voor het eendimensionaal (overheids)denken. Alsof we alleen maar bestaan uit simpele, enkelvoudige vragen. Mensen zijn complexer; ónlogisch soms en veel levenssituaties zijn niet tot één vraag terug te brengen. Laat staan tot concepten als 'vraagpatronen'. Wij vereisen een flexibele, responsieve aanpak; geen sjablonen, matrices of schemata.

Sinds deze zomer ben ik er nog meer van overtuigd dat ook 'vakantie' eigenlijk in die rijen van life events hoort. Het is dat 'vakantie' niet een permanente, maar tijdelijke situatie is, maar verder...

Photo 05-08-13 17 23 40

Onze nieuwe Franse overburen bleken niet alleen. Het zijn twee gezinnen: man-vrouw en 1 respectievelijk 3 kinderen. Schuin tegenover was dan ook een futuristische ogende koepeltent opgetrokken. Zo'n ding waarin je je in een ruimtestation waant met slaap- en leefruimtes.

Het meest in het oog springend, was de ontstressing. Dat, althans, maakte ik ervan op basis van wat ik zag. Kinderen die er auditief nogal van langs kregen omdat ze in de weg liepen, iets wilden of iets níet deden. Altijd link als je ouders bij dreigend onweer bezig zijn.

Een half uurtje voordat een enorme onweers- en regenbui losbarstte waren ze klaar en weg naar het zwembad. Jammer dat 'iemand''iets' verkeerd had gedaan of open laten staan, waardoor ná de enorme onweers- en regenbui de halve tent vol water bleek te staan. Een slecht begin, maar niet rampzalig.

Een dag later leek die bom weer ontploft. Alles werd de tent uitgesleept. Niet om te drogen, zo bleek. Blijkbaar was er een lumineus idee ontstaan. De bungalowtent werd de keuken annex eetkamer en het koepelorgaan het collectief slaapverblijf. Na een half uurtje stevig doorsjouwen en vooral langdurig pielen om de gasgestookte campingkoelkasten precies horizontaal te krijgen, was de indeling klaar. Heel functioneel.

Heel opvallend was dat de - verdomd dikke - moeder van het grootste gezin zo te zien altijd de touwtjes in handen had en geen enkele keer echt opgewonden raakte van ook maar iets. Haar man was diametraal het tegenovergestelde: de merde's vlogen in 't rond.

In zo'n week zíe je het systeem zich zetten. Spulletjes krijgen vastere plekken. Er wordt steeds minder gevraagd wat wáár staat. En de rust keert weer, inclusief een stuk ontspannender omgang met de kinderen. De mannen en jongens gingen zelfs vissen in de visvijver. Zonder resultaat.

Het zijn eigenlijk micro life events, die vakantie. Even is alles uit balans. Even ontstaat daardoor spanning op plekken die je niet had voorzien. Even wordt het gezinssysteem aan een krachtproef onderworpen.

En de lol is, dat, als je eenmaal je draai weer hebt gevonden en alles vertrouwd begint te worden, de vakantie voorbij is.