Posts tonen met het label ontspanning. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ontspanning. Alle posts tonen

maandag 30 september 2013

Zeilende bla'ren

Eens per jaar, in de herfst, gebeurt het. Minstens één keer. Dat je over één van de leidse grachten fietst - jazeker kan dat. Hier heten de straten langs de gracht óók zo - en dat je wordt overspoeld met tevredenheid.

Afgelopen week was een topweek; een oudewijvenzomerweek: zonnig en nog lekker warm. Wie daarvan niet heeft genoten, is of reddeloos verloren of leidt aan een serieuze depressie.

In Leiden hebben we grachten te over, mooie en lelijke. Lelijk zijn alle grachten - straten en pleinen - waar geen bomen staan. De Leidse Breestraat is vanwege die ontbrekende bomen oerlijk. Het Leidse Stationsplein?! Idem. Een chronisch tekort aan bomen.

Maar er zijn ook wonderbaarlijk mooie. Waar alle gidsen het Rapenburg tot "de mooiste gracht van Nederland" bombarderen, zijn er toch echt mooiere plekken. Maar wel met minder statige en prestigieuze bebouwing. Wellicht dat dat een rol speelt.

Als je ooit dat Rapenburg bezoekt; één van die mooiere plekken is een zijgrachtje, de Vliet. Misschien honderd meter lang - en met één lelijk pand, een school - maar met twee mooie bruggetjes, waarvan één de toegang was voor de Geuzen.

Steek je de singel over dan kom je op de Jan van Goyenkade.

Photo 30-09-13 19 10 50

Dát is voor mij de waarschijnlijk mooiste gracht van Leiden, in het bijzonder als je richting binnenstad loopt. Halverwege ligt een hoge houten voetgangersbrug met een steile trap en fietsgoot. Als je ooit de verfilming van Een Vlucht Regenwulpen hebt gezien, dan ken je deze brug. De brug van de kus.

Ik heb de luxe de Jan van Goyenkade vaak te moeten fietsen, naar de binnenstad. Dat betekent dat je de gracht onder verschillende weerscondities ziet: in de regen, de wind, de sneeuw, de mist. Vooral 's avonds, als het gelige licht van de straatlantaarns een rol speelt, is de gracht mysterieus mooi bij sneeuw of in de mist.

Van de week was dat weertype niet beschikbaar. Het was stralend nazomerweer.

De bomen - vandáár dat die noodzakelijk zijn voor een móóie gracht - tooiden zich al in herfstkleuren: rood, geel en bruin, gerimpeld en droog. Met een zuchtje wind dwarrelen ze naar beneden om daar een altijd mooi beeld te vormen. Hoe bladeren ook vallen: een dek van gevallen bladeren is net een dek van sneeuw. Een verzachting van de harde realiteit die eronder is verstopt geraakt.

Die bladeren dwarrelen, ook de gracht in.

Dat is het moment waar je even de fiets voor stil zet. Als de bladeren net in water zijn gevallen en nog niet doordrenkt met water, dan lijkt het alsof er honderden zeilscheepjes op het water drijven. Zeilscheepjes die bewegen op de zuchtjes wind en die soms worden verlicht door zonnestralen die tussen de langzaam kalende boomtakken heen piepen.

Het zijn korte perioden dat de gracht zich zo toont. Na een paar dagen zijn de dode bladeren doorweekt. Het zeilen der bla'ren komt dan tot een eind.

Weemoed?! Nee, de schoonheid van de herfst.

maandag 5 augustus 2013

De functionele tent-indeling

Ze kwamen op een zaterdag terwijl wij weg waren. Bij terugkeer stond-i er: een blauw met oranje bungalowtent met eromheen de gevolgen van een soort bominslag.

Een nieuwe omgeving maakt altijd onzeker. Waar staat alles? Waar laat je alles? Waar vind ik wat? Je moet echt je draai vinden.

Heel lang geleden ben ik begonnen met het bepleiten van het denken in termen van life events. In mijn ogen zijn dat ingrijpende veranderingen in je bestaan, waarbij ingrijpend wordt gekarakteriseerd door zijn complexiteit en meerlagigheid. Je leven staat even op zijn kop en de effecten reiken tot in meerdere domeinen van je bestaan. Bekende life events zijn geboorte en dood. Maar ook baanverlies, inbraak(!) en verhuizing horen ertoe.

Life events zijn géén instrument, zoals mijn vorige werkgever maar blééf denken, maar een manier van kijken, beoordelen en werken. Een methodiek?! Dat eerder, ja. Mijn insteek is altijd geweest een alternatief te bieden voor het eendimensionaal (overheids)denken. Alsof we alleen maar bestaan uit simpele, enkelvoudige vragen. Mensen zijn complexer; ónlogisch soms en veel levenssituaties zijn niet tot één vraag terug te brengen. Laat staan tot concepten als 'vraagpatronen'. Wij vereisen een flexibele, responsieve aanpak; geen sjablonen, matrices of schemata.

Sinds deze zomer ben ik er nog meer van overtuigd dat ook 'vakantie' eigenlijk in die rijen van life events hoort. Het is dat 'vakantie' niet een permanente, maar tijdelijke situatie is, maar verder...

Photo 05-08-13 17 23 40

Onze nieuwe Franse overburen bleken niet alleen. Het zijn twee gezinnen: man-vrouw en 1 respectievelijk 3 kinderen. Schuin tegenover was dan ook een futuristische ogende koepeltent opgetrokken. Zo'n ding waarin je je in een ruimtestation waant met slaap- en leefruimtes.

Het meest in het oog springend, was de ontstressing. Dat, althans, maakte ik ervan op basis van wat ik zag. Kinderen die er auditief nogal van langs kregen omdat ze in de weg liepen, iets wilden of iets níet deden. Altijd link als je ouders bij dreigend onweer bezig zijn.

Een half uurtje voordat een enorme onweers- en regenbui losbarstte waren ze klaar en weg naar het zwembad. Jammer dat 'iemand''iets' verkeerd had gedaan of open laten staan, waardoor ná de enorme onweers- en regenbui de halve tent vol water bleek te staan. Een slecht begin, maar niet rampzalig.

Een dag later leek die bom weer ontploft. Alles werd de tent uitgesleept. Niet om te drogen, zo bleek. Blijkbaar was er een lumineus idee ontstaan. De bungalowtent werd de keuken annex eetkamer en het koepelorgaan het collectief slaapverblijf. Na een half uurtje stevig doorsjouwen en vooral langdurig pielen om de gasgestookte campingkoelkasten precies horizontaal te krijgen, was de indeling klaar. Heel functioneel.

Heel opvallend was dat de - verdomd dikke - moeder van het grootste gezin zo te zien altijd de touwtjes in handen had en geen enkele keer echt opgewonden raakte van ook maar iets. Haar man was diametraal het tegenovergestelde: de merde's vlogen in 't rond.

In zo'n week zíe je het systeem zich zetten. Spulletjes krijgen vastere plekken. Er wordt steeds minder gevraagd wat wáár staat. En de rust keert weer, inclusief een stuk ontspannender omgang met de kinderen. De mannen en jongens gingen zelfs vissen in de visvijver. Zonder resultaat.

Het zijn eigenlijk micro life events, die vakantie. Even is alles uit balans. Even ontstaat daardoor spanning op plekken die je niet had voorzien. Even wordt het gezinssysteem aan een krachtproef onderworpen.

En de lol is, dat, als je eenmaal je draai weer hebt gevonden en alles vertrouwd begint te worden, de vakantie voorbij is.

dinsdag 30 juli 2013

De Dood die op vakantie ging

Wellicht bevreemdt het onderwerp je. Als eerste na de vakantie een blogpost over doodgaan. De reden is dat ik vermoed dat vakantie en dood dichter bij elkaar liggen dan we denken.

Juli en Augustus: hele volksstammen trekken naar verre bestemmingen, in Nederland, Europa of daarbuiten. En waar de Volksverhuizing uit de geschiedenisboekjes nog lekker traag verliep, daar verplaatsen wij ons in termen van uren van de ene plek naar de andere honderden, zo niet duizenden kilometers verder.

Dat is toch wel vragen om problemen.

Dit jaar wellicht meer dan anders tot de verbeelding sprekend. Twee grote treinongelukken en een busongeluk. De stand van zaken op 30 juli. We zijn dus pas halverwege die twee piekvakantiemaanden. En alle 'kleine' drama's zijn dan nog niet eens meegeteld.

Reizen is risico nemen. Dat klinkt dramatisch? Bedenk je dan maar eens dat je vaak naar een onbekende bestemming gaat, een andere taal nodig hebt, andere gewoonten ontmoet of anders wel jezelf in een situatie brengt waarin jouw veiligheid meer afhankelijk wordt van het gedrag van anderen. Zeker in vakanties geldt dat en in het bijzonder voor autovakanties.

Zelfoverschatting is dan een extra groot probleem. De leaseautorijder die zichzelf de Beste Automobilist van Nederland vindt, rijdt plots met een volgepakte brik, met passagiers die eisen stellen een aandacht eisen, op wegen die hij niet kent. Dan kun je jezelf behoorlijk voor de gek houden door te denken: "maar ik rijd duizenden kilometers per jaar".

Dat crosst in de zomermaanden dus over 's heeren wegen.

Ik vraag me weleens af hoeveel chauffeurs zich onbehaaglijk voelen tijdens, maar ook in de voorbereiding, op die heen- en terugreis. Zeker met de auto - wij hebben een ietwat oude - heb ik toch iedere keer weer het idee: "hopelijk stranden we niet langs een of andere oververhitte Franse tolweg". Het idiote? Dat ik dat ook nog nooit heb meegemaakt. Wel dat er problemen waren met het vervoer, maar volgepakt stranden op een ongewenste plek?! Nee, dat niet.

Het verhaal gaat dat de vakantie helemaal niet zo ontspannend is als we wel denken. Populaire verklaringen zijn de spanningen die ontstaan bij het vínden van een bestemming, de (relatie)problemen tussen mensen die ineens op elkaars lip (moeten) leven, en het afreageren van oningevulde verwachtingen over de vakantie. Daarover valt veel op te merken; dat het vaak een projectie is óp anderen van eigen onbehagen, dat je je kunt afvragen hoeveel (kwaliteits)tijd mensen eigenlik in elkáár steken, of er echt wordt geluisterd.

Photo 27-07-13 12 11 31

Maar met de Dood die ook op vakantie meereist, houd je eigenlijk nooit echt rekening. Ik ook niet.

Toch is de zomer(vakantie) zijn seizoen, zo lijkt het. De toename aan verkeersbewegingen ter land, ter zee en in de lucht, vergroot de kans op ongelukken. De grote rampen waarbij tien- tot honderdtallen mensen het leven laten, trekken de aandacht en worden vermeld. Maar je moet onderweg eens letten op de situaties waarbij 'het nog net goed ging'. Ook dát is de dood die op vakantie is.

Dit jaar kwamen we ze op 2 x 932km weer tegen. De vakantielijnbus die een plek 'opeist' door naar links te zwenken. De waarschijnlijk verkeerd-om gemonteerde fietsdrager op de auto, waardoor die naar rechts knipperde maar naar links ging. De auto's die nét op tijd in hun linker dodehoek een passerende auto zagen en terugzwiepten. De aanhangers, caravans en kampeerwagens die af en toe slingerend achter hun baas aan gaan. De sportieve rijders die door willen. De ter plekke onbekenden die twijfelen over hun route.

Wij zagen ze dit jaar gelukkig niet. Want ze waren er ongetwijfeld wel: de klapbanden, de kopstaart-aanrijdingen, de 'toch niet geziene inhaler', de omgeblazen caravan... Wel frappant: op de dag dat je leest dat er minder auto's met pech lijken te zijn, zijn het juist díe die we langs de (hete) snelweg en Parijse periferique zien staan. Kokend, zo stelde ik me voor.

Natuurlijk heb jij gelijk: het gáát in het merendeel van de gevallen gewoon goed. Dan kijk je terug op een goed verlopen, leuke vakantie. En tóch ben ik benieuwd hoe het zit met die heen- en terugreis. Volgens mij is dat een onderschatte invloedsfactor.