Posts tonen met het label vakantie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vakantie. Alle posts tonen

vrijdag 8 augustus 2014

Leesweer

Er zijn van die dingen die je blijven verbazen. Je stapt er makkelijk onbewust overheen. Tot je je er plots even bewust van bent.

De zomer lijkt er een seizoen bij uitstek voor.

Mij overkomt het vooral als ik op een warme dag een boek zit te lezen. Ik kan me één keer echt heel goed herinneren. Niet de titel van het boek, maar het gevoel. Het was een misdaadverhaal dat speelde in Amsterdam ergens in de 19de eeuw. In de winter. Dat is erg belangrijk, geloof ik.

Op die warme dag in een buitenland wás ik plots in koud Amsterdam. Een heel vreemde gewaarwording, die overigens alleen delen van seconden besloeg. Het flitst voorbij.

Echt snappen doe ik het niet. Het is niet dat ik dan echt in het verhaal ben verdwenen. Da's nogal moeilijk in een rumoerige, warme omgeving als een strand of zwembad, ook als je in de schaduw zit. En wat me opvalt: het zijn vrij vaak situaties die zich afspelen in een weer situatie die níet warm is.

Mij doet het nog het meest denken aan 'midden in de zomer denken aan Kerstmis'. Alsof je denkt aan het onbereikbare op dat moment. Op zomerdagen aan de koude van de winter of de storm en regen van de herfst. Dan zou je op koude winterdagen datzelfde effect moeten hebben in omgekeerde richting: tijdens vorstperiodes opgaan in beelden van warme zomerdagen. Soms heb ik het ook bij reclames of films, waarbij bij mij in de zomer reclames over het warmte of het warme weer daardoor averechts werken. Een soort overdosis warmte, terwijl de toekomst de komende maanden er een is van koelte, wind en sneeuw.

Eerlijk gezegd, denk ik dat dat zo ook gaat.

Ik vind het nog steeds een teken van een ideaal klimaat. Als het regent, kunnen we hunkeren naar droogte. Als het koud is, naar warmte. En als het warm is naar regen en wind. Het fijne is dat we ook echt kans maken op realisatie van die wens, want onze klimaatzone kent het hele spectrum (nog, want klimaatverandering schijnt dat te gaan veranderen). Voor mij is dat een vrij plausibele verklaring.

Het verklaart overigens ook waarom ik nooit in bijvoorbeeld Florida zou willen wonen: altijd lente. Hoe vervelend wil je het hebben.

dinsdag 10 juni 2014

Van boek via ereader naar boek

Wonderlijk.

In vroeger jaren kampeerden we (allemaal) zo licht mogelijk. Bagage, immers, moest of worden meegetorst op de rug of achter in de - toen vaak nog kleine en evenzeer krakkemikkige - auto worden gepropt. De tijden waren, kortom, anders.

Eén van de grote vraagstukken die toen bij 'op vakantie gaan' hoorde, was dus: wat móet mee en hoe klein en licht kan dat zijn? Lichtgewicht sheltertenten in plaats van bungalowtenten. De prachtig vormgegeven en stormbestendige, maar lóódzware, De Waardtenten waren er nog niet. Met dons gevulde slaapzakken waren warm, koel, licht en klein, en duur. Een hele industrie aan lichtgewicht, handig en klein.

Had je het basale, dan kwam de luxe. De waxinelichtjes voor de gezelligheid, en als teken van alternatievigheid tegenover als die geëlektrificeerde kampeerders. Eén petieterig klein potje pindakaas, want dat verkochten ze 'daar' niet (anderen hadden dat met hagelslag en zelfs ketchup). Met de inzet van het otootje: stoeltjes en een tafeltje. Dát was een trendbreuk.

Maar het moeilijkste: de boeken.

Vakantie was van alles dóen en daaromheen niksen. Persoonlijk zijn mijn beste herinneringen niet zozeer aan culturele meesterwerken in een verzengende hitte, maar aan gemoedelijke avonden op campings. Overdag kon je die ook wel treffen: een lichaamsvriendelijke temperatuur en geen directe zon meer. 's Avonds hoorde je het leven een zucht van verlichting slaken: rust!

Dat zijn de momenten om eventjes lekker te gaan lezen. Maar ja, hoeveel lees je in drie weken? Die hoeveelheid moet je immers mee slepen. En, o wee, als je dan tijdens de vakantie ontdekt dat je in de stemming bent om een héél ander genre boek te lezen. Dan zeul je ook nog 's nutteloos gewicht aan papier mee.

De komst van de e-reader en de tablet bleken de uitkomst. Je kiest niet. Je neemt een hele bibliotheek mee. Duizenden 'gratis' boeken die je nooit allemaal zult lezen, maar die je hebberigheid even bevredigden. Overigens zijn het ook nog eens vaker de 'verkeerde' boeken dan de juiste. Je troost je met de gedachte dat die dan toch in elk geval beter zijn dan de folders van het lokale Syndicat d'Initiative.

Hop. e-Reader in de bagage. Het oplaadsnoer niet vergeten! Oplaadsnoer?! Oei, maar wat als er ter plekke geen stopcontact is? Of, aannemelijker, geen juiste aansluiting. Van die situaties waarin je ontdekt dat hún aardepinnetje niet op dezelfde plek zit als de aarde in jouw steker. Dat zóu balen zijn.

Weet je wat: we nemen een paar boeken mee. Er is altijd wel ruimte in de bagage en stel dat er problemen zijn met de stroom, dan hebben we in elk geval iets. Want die boeken, die doen het altijd.

zaterdag 10 augustus 2013

De all inclusive patser

Vakantie. Lekker stressen om verhalen op te doen. Voor steeds grotere groepen mensen lijkt dat de bedoeling van vakantie te zijn. De tijd dat de werknemer twee weken vrij had en misschien een Waddeneiland bezocht of rond het IJsselmeer fietste, ligt al lang achter ons. Vakantie was toen vooral 'vrij van werk'. Er op uit trekken werd meestal ingevuld door de dagjes-uit. Tot ver in de jaren zestig van de vorige eeuw was 'het buitenland' als vakantiebestemming zeker geen gemeengoed.

Moet je nu eens mee aankomen.

Vakantie is beleving, ervaring, sensatie of een uniek gevoel. In een wereld waarin de overtreffende trap het belangrijkst is, leidt dat echter ook tot een soort wapenwedloop. En die wereld hébben we laten ontstaan. Het is niet mogelijk aan te wijzen waardoor het zo is gekomen. Het is, net als de oerknal, een toevallige samenloop van omstandigheden die versnelling mogelijk maakte. Eind van het liedje is wel dat we ons inmiddels gedragen als kinderen die een heuvel af rennen: sneller en sneller. Tot de benen het niet meer bijhouden.

Dat in een overtreffende trap leven, is dus niet vreemd. Of het verstándig is, is iets heel anders. Maar hele generaties zijn gewend geraakt aan opgaande bewegingen: dat je een betere opleiding kreeg dan je ouders, een beter huis, een hoger salaris, een betere bevredigende baan, tv, kleurentv, internet. Dat geldt ook voor tijdverdrijf. Wie De Avonden leest, zal zich wellicht verbazen over de apathie, de verveling die een grote rol speelden tijdens die avonden. Dat is dus wel pas zestig jaar geleden.

Ook vakantie ontkwam niet aan die overtreffende trap. Drente? Minstens Frankrijk, Spanje of Italië. Met de fiets? De auto! Of, nog beter, het vliegtuig.

Nu is wel van belang dat de overtreffende trap deels ook wordt gevoed door het verschijnsel conspicious consumption: uitgeven om te laten dát en wat je uitgeeft. We hebben er allemaal mee te maken. Dat bij-effect van beslissingen dat ook je status ermee gebaat moet zijn. De auto die je koopt, moet je vooruit helpen, maatschappelijk. Het nieuwe huis moet beter zijn. De beoordeling daarvan is vaak jóuw inschatting van wat jouw gelijken, je vrienden en kennissen, er van vinden. Iets nieuws wat geen reactie uitlokt, is geen succes. Iets nieuws moet een splintertje jaloezie oproepen. Teveel daarvan is evenmin goed: dan raak je vrienden kwijt.

Vakantie heeft die ontwikkeling ook doorgemaakt. De eenvoudige drieweken campingvakantie geldt tegenwoordig als een soort van minimumvariant. Niet dat de huisvesting bepalend is, maar de bestemming wel. We trekken met net zoveel gemak naar Vietnam, Indonesië, Thailand, Australië als naar Europese bestemmingen. Dat is ook omdat de kosten van die bestemmingen relatief laag zijn, waardoor ver weg niet meer hetzelfde is als duur.

De interessantste vind ik nog steeds de all inclusives. De vakantiebestemmingen waarbij alles in de prijs is inbegrepen. In het hotel of appartementencomplex maak je geen extra kosten: drank, voedsel, hapjes? Alles inbegrepen. Groot, heel groot, nadeel daarvan is dat de lokale economie er heel erg magertjes van profiteert. De all inclusives zijn min of meer omheinde vakantiekampen. Plekken waar geen enkele reden bestaat om er van wet te gaan. Maar ja, het is goedkoop en prijstechnisch overzichtelijk.

Wat ik me dus afvraag, is of er niet nog iets meespeelt. Iets sublimiaals, onbewust. Omdat ik nog nooit all inclusive op vakantie ben geweest in zo'n kamp, blijft de vraag me hinderen.

Is het niet ook zo dat het goed zichtbare all inclusive polsbandje een vorm van conspicious consumption is? Zo van: "Kijk mij. Voor mij staat alles ter beschikking". Een beetje het gevoel hebben van die enorm rijke stinkerd die helemaal níet op het geld hoeft te letten? De patser? Zijn sommige vakantiebestemmingen ook bedoeld om even dát gevoel te hebben? Rijk te zijn?

dinsdag 30 juli 2013

De Dood die op vakantie ging

Wellicht bevreemdt het onderwerp je. Als eerste na de vakantie een blogpost over doodgaan. De reden is dat ik vermoed dat vakantie en dood dichter bij elkaar liggen dan we denken.

Juli en Augustus: hele volksstammen trekken naar verre bestemmingen, in Nederland, Europa of daarbuiten. En waar de Volksverhuizing uit de geschiedenisboekjes nog lekker traag verliep, daar verplaatsen wij ons in termen van uren van de ene plek naar de andere honderden, zo niet duizenden kilometers verder.

Dat is toch wel vragen om problemen.

Dit jaar wellicht meer dan anders tot de verbeelding sprekend. Twee grote treinongelukken en een busongeluk. De stand van zaken op 30 juli. We zijn dus pas halverwege die twee piekvakantiemaanden. En alle 'kleine' drama's zijn dan nog niet eens meegeteld.

Reizen is risico nemen. Dat klinkt dramatisch? Bedenk je dan maar eens dat je vaak naar een onbekende bestemming gaat, een andere taal nodig hebt, andere gewoonten ontmoet of anders wel jezelf in een situatie brengt waarin jouw veiligheid meer afhankelijk wordt van het gedrag van anderen. Zeker in vakanties geldt dat en in het bijzonder voor autovakanties.

Zelfoverschatting is dan een extra groot probleem. De leaseautorijder die zichzelf de Beste Automobilist van Nederland vindt, rijdt plots met een volgepakte brik, met passagiers die eisen stellen een aandacht eisen, op wegen die hij niet kent. Dan kun je jezelf behoorlijk voor de gek houden door te denken: "maar ik rijd duizenden kilometers per jaar".

Dat crosst in de zomermaanden dus over 's heeren wegen.

Ik vraag me weleens af hoeveel chauffeurs zich onbehaaglijk voelen tijdens, maar ook in de voorbereiding, op die heen- en terugreis. Zeker met de auto - wij hebben een ietwat oude - heb ik toch iedere keer weer het idee: "hopelijk stranden we niet langs een of andere oververhitte Franse tolweg". Het idiote? Dat ik dat ook nog nooit heb meegemaakt. Wel dat er problemen waren met het vervoer, maar volgepakt stranden op een ongewenste plek?! Nee, dat niet.

Het verhaal gaat dat de vakantie helemaal niet zo ontspannend is als we wel denken. Populaire verklaringen zijn de spanningen die ontstaan bij het vínden van een bestemming, de (relatie)problemen tussen mensen die ineens op elkaars lip (moeten) leven, en het afreageren van oningevulde verwachtingen over de vakantie. Daarover valt veel op te merken; dat het vaak een projectie is óp anderen van eigen onbehagen, dat je je kunt afvragen hoeveel (kwaliteits)tijd mensen eigenlik in elkáár steken, of er echt wordt geluisterd.

Photo 27-07-13 12 11 31

Maar met de Dood die ook op vakantie meereist, houd je eigenlijk nooit echt rekening. Ik ook niet.

Toch is de zomer(vakantie) zijn seizoen, zo lijkt het. De toename aan verkeersbewegingen ter land, ter zee en in de lucht, vergroot de kans op ongelukken. De grote rampen waarbij tien- tot honderdtallen mensen het leven laten, trekken de aandacht en worden vermeld. Maar je moet onderweg eens letten op de situaties waarbij 'het nog net goed ging'. Ook dát is de dood die op vakantie is.

Dit jaar kwamen we ze op 2 x 932km weer tegen. De vakantielijnbus die een plek 'opeist' door naar links te zwenken. De waarschijnlijk verkeerd-om gemonteerde fietsdrager op de auto, waardoor die naar rechts knipperde maar naar links ging. De auto's die nét op tijd in hun linker dodehoek een passerende auto zagen en terugzwiepten. De aanhangers, caravans en kampeerwagens die af en toe slingerend achter hun baas aan gaan. De sportieve rijders die door willen. De ter plekke onbekenden die twijfelen over hun route.

Wij zagen ze dit jaar gelukkig niet. Want ze waren er ongetwijfeld wel: de klapbanden, de kopstaart-aanrijdingen, de 'toch niet geziene inhaler', de omgeblazen caravan... Wel frappant: op de dag dat je leest dat er minder auto's met pech lijken te zijn, zijn het juist díe die we langs de (hete) snelweg en Parijse periferique zien staan. Kokend, zo stelde ik me voor.

Natuurlijk heb jij gelijk: het gáát in het merendeel van de gevallen gewoon goed. Dan kijk je terug op een goed verlopen, leuke vakantie. En tóch ben ik benieuwd hoe het zit met die heen- en terugreis. Volgens mij is dat een onderschatte invloedsfactor.

donderdag 18 juli 2013

Doorbroken vakantiestilte

Op het moment dat wij aan het eind van de middag op 13 juli de snelweg afreden en de laatste kilometers over een Route Nationale begonnen af te leggen naar de camping annex vakantiebestemming, verscheen dit bericht:
Mijn lieve zwangere vrouw is deze week in het ziekenhuis opgenomen met een hersenbloeding. Het is alsof ik in een nachtmerrie leef...

Van wie het precies is, maakt niet uit. Wel dat het jonge mensen zijn die het overkomt. Degene die dit tweette, ken ik. Voor mij hoort hij bij de groep mensen op Twitter die me na aan het hart liggen. Vraag me niet waarom precies. Zelf denk ik omdat het ook op Twitter échte mensen zijn en niet van die onechte pr- of marketing-accounts. Of die band wederzijds is, weet ik niet eens.

Anderhalve dag na aankomst kocht ik op de camping wifi voor een week. Ergens in de loop van de daarop volgende anderhalve dag word je dan duidelijk dat er iets goed mis is daar. Maar wat? Heel dom van mezelf vind ik nog steeds dat ik niet direct ben gaan zoeken. Op een of andere manier drong de ernst niet voor honderd procent door. Da's wel een risico van Twitter: dat je iedere keer aansluit in een tijdlijn en daardoor zaken mist waarvan je wel de nasleep, gevolgen, discussie ziet. Maar wat was de aanleiding?

Pas vanochtend ben ik op zoek gegaan naar die naad van de kous. Ik schrok me kapot, toen ik het bericht zag. Een hersenbloeding. Voorzover mijn medische kennis reikt, kún je daar goed uit tevoorschijn komen. Zeker jonge mensen, is mijn beeld, maken een kans de berichte kritische dagen goed door te komen. En tegelijk is dat onzin, want de grootte en plaats van de bloeding zijn bepalender. Daar weet je nog niets van. Realistischer is het verschrikkelijk onzeker makend 'dubbeltje op zijn kant'.

Daar zit je dan. Op een camping in Pénestin, Frankrijk, in de schaduw van een boom. Het is alsof het scherm van de iPad een opening is naar een andere wereld. Het heeft iets volslagen onwerkelijks. Dat realiseer je je rationeel-afstandelijk ook wel. Dat levens doorgaan. Mijn zus wier borstkanker ook nú wordt bestreden met chemotherapie. Dat precies op dit moment kinderen sterven en worden geboren. Mensen slecht en goed nieuws krijgen. Heel veel mensen op dit moment hun teen stoten, pijn lijden bij de tandarts of bij de supermarkt aarzelen over hun aankoop. Dat op dit moment ook verschrikkelijk veel mensen lijden onder oorlogsgeweld, of honger. Dat anderen uitbundig vakantie vieren.

En toch vernauwt dat allemaal tot één verhaal. Want dat verhaal is relevant. Dat is iemand die ik kén. Al die anderen zijn anoniem.

Boven mijn hoofd doorkruist een gele, gemotoriseerde deltavlieger de blauwe lucht. Alsof er niets aan de hand is.

Ik denk. Ik zal de komende dagen vaker denken. Op afstand meeleven. Zonder dat iemand weet dat je dat doet. Want hoe kún je weten wie allemaal met je meeleven?