Posts tonen met het label winst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label winst. Alle posts tonen

zaterdag 16 november 2013

De verdwijning van creativiteit

De kabeldecoder geeft BBC1 door aan het televisietoestel terwijl ik dit schrijf. Misschien dat ook jij hoort bij de mensen die weten wat er dan te zien is: rugby! Om precies te zijn Rugby Union. Er zijn namelijk twee types: Union en League. Allebei met hun aantrekkelijkheden, maar voor de tv gaat mijn voorkeur uit naar Union.

Ook rugby kent internationale landentoernooien. Die wedstrijden worden internationaal gevolgd op televisie, maar ook in nokkievolle stadions. Daar zitten aantallen fans waar een Nederlands voetbal-elftal nog een puntje aan kan zuigen. De sfeer is ook nog eens bijzonder: je bent eerst rúgbyfan en dan landen- of clubfan. Alles zit dus gemengd en zonder rare kooien om zich heen op de tribunes.

In de aanloop naar zo'n wedstrijd verzorgt BBC1 uiteraard ook commentaar en vooruitblikken. In tegenstelling tot studiogeneuzel uit Hilversum komt dat allemaal vanaf het veld of uit het stadion. Het aardigst is dat je daardoor ook een bijna continue beeld hebt van de warming up.

Als je rugbytrainingen kent, weet je dat die voor een groot deel (ook) bestaan uit het inslijpen van patronen. Je speelt de bal achteruit. Dan is handig als je die worpen blindelings kunt doen en dus wordt er duizenden keren geoefend, tot het jeugdspelers soms de keel, neus en oren uit komt. Dan zie je die reuzen uit het professioneel rugby op het veld staan: dezelfde bewegingen waarmee de driekwarten - de 'lichtgewichten' - elkaar vinden en dezelfde waarmee de voorwaartsen - de 'dikkerds' - samenbinden tot één massief blok, de scrum.

Toen ik daarnet daar zo naar zat te kijken, schoot me wel iets te binnen.

Het zijn vooral de atypische acties die enthousiasme opwekken. De individuele ingevingen. Als je het projecteert op voetbal: Messi is een uitzonderlijk voetballer omdat-i buiten patronen stapt en 'geniaal' voetbalt. Hij heeft, krijgt of neemt die ruimte ook, net als veel van de andere 'top-aanvallers'. Daar zijn er maar weinig van.

Als je naar (de top in) teamsport kijkt, zie je dat patroon eigenlijk iedere keer weer: men is enorm bezig met het aanleren van patronen opdat het team zich als één geheel, een organisme kan bewegen. Voetballers die snel driehoekjes moeten kunnen spelen. Rugbyers die snel handjes moeten kunnen spelen. Volleyballers die een-twee-drie opzetten.

Dat is eigenlijk precies hetzelfde als in de hele samenleving te zien is. Patronen, afspraken, protocollen: in principe hetzelfde laken en pak. In relatie tot de kern van 'spel' vind ik dat toch iets vreemds hebben. Je zou namelijk verwachten dat dat spelen grotendeels neerkomt op het vinden van oplossingen van onverwachte situaties, die de tegenpartij creëert. Niet dat een team dus geen gemeenschappelijkheid moet hebben, maar er zijn grenzen aan.

Voor mij is dat een verklaring voor het verlies aan attractiviteit van voetbal. Het is een sfeerloze kaats- en schaakwedstrijd geworden. Eerlijk is eerlijk: mijn minst favoriete rugbywedstrijden zijn de kicking games - waarbij bijna uitsluitend punten worden gescoord uit penalty kicks - omdat die vaak neerkomen op herhaalde fysieke botsingen. Die zijn op zich overigens ook spannend en opwindend om te zien, maar dan zouden ze dóór moeten gaan voor een echte veld try.

Ik zit me af te vragen in hoeverre teamsporten ook onderhevig zijn aan een tendens waarin eigen initiatief ondergeschikt is aan collectief belang. In de meeste bedrijven is dat de gewoonste zaak van de wereld.

De draak spuwt vuur. Wales komt het veld op. Ik ga kijken hoe goed de patronen er in zitten.

vrijdag 13 september 2013

Sluipzelfmoordenaar

Klakkeloos nadoen, is gevaarlijk. Dat leren we al vroeg als je ouders je voorhouden: "als je vriendje in de sloot springt, spring jij zeker ook er achteraan?". Een vergelijking die in veel varianten bestaat. Van vriendjes en vriendinnetjes die van grote hoogte naar beneden springen tot en met het opeten van regenwormen.

Dat alles heeft nooit voorkomen dat volgzaam gedrag toch echt wel onbesproken kan blijven. Het Godwinnetje Befehl ist Befehl dreigt het kritiekloos toepassen van regels te vergoelijken. Zó erg is dat toch niet?! Terwijl het enige echte verschil is dat het minder in het oog springend is.

Het grootste gevaar schuilt in de geleidelijkheid waarmee regels veranderen.

Hoe dat kan gaan, was pas geleden op televisie te zien. Factcheckers heet het programma en de vraag die werd opgeroepen was of 'we te dik worden'. Eerlijk gezegd vond ik het antwoord niet eens het interessantst; wél de weg die 'we' bewandelden.

Langzaam maar zeker zijn we meer gaan eten; zijn representaties van onszelf veranderd; en, vooral, zijn kookinstructies, recepten, aangepast. Vooral die laatste was voor mij een openbaring, omdat de verklaring niet een groter aantal eters was maar echt meer eten per persoon.

Meestal ben ik het wel eens met de televisierecensies van Jean-Pierre Geelen in de De Volkskrant, maar nu dus niet:
20130913-133139.jpg

Natuurlijk. Je kunt heel badinerend doen over de toon van het programma of over de wetenswaardigheden. Maar ik denk dat je iets miste als je schrijft:
Maar wie de jus van hun programma afschepte, hield toch maar bitter weinig over om op te kauwen.

Dan heb je niet opgemerkt dat we slúipenderwijs (zelf)moordenaars zijn geworden.

Stapje voor stapje, voetje voor voetje, teen voor teen naar de rand van de afgrond en geen vader of moeder die je waarschuwt te bekennen.

woensdag 26 december 2012

Het eind van copyright


Mensen kunnen heel paradoxale wezens zijn. Soms willen we zowel het een als het ander en lijken het een en het ander met elkaar op gespannen voet te staan. Da's een lastig dilemma.

Hét klassieke voorbeeld van zo'n situatie is iets maken of bedenken. Wat moet je daar nu mee? Dan héb je bijvoorbeeld een prachtig kunststuk gemaakt. Maar de erkenning dat het dat ook echt zo is, krijg je pas als ook (veel) anderen het hebben gezin en gewaardeerd. Maar zijn 'die anderen' wel te vertrouwen? Wat als ze het namaken? Of stelen? Of een variant maken?

Dat beveiligen is vandaag de dag verdraaid lastig. Maar in eerdere tijden kon het vrij goed door je niet te concentreren op het unieke product. Een betere manier was je concentreren op de reproductie. Het intellectueel eigendom, het bedenkersrecht, is en was onvervreemdbaar bij de bedenker, maker. En omdat reproduceren nogal wat voeten in aarde had, was het vrij goed te doen om reproducties aan te pakken.

Boeken moesten worden gedrukt. Muziek op platen geperst. Kunst goed reproduceren eiste geavanceerde druktechnieken.

<a href="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-184107.jpg"><img src="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-184107.jpg" alt="20121218-184107.jpg" class="alignnone size-full" /></a>

Maar een heleboel van die drempels zijn weg. Het begon met het kopiëren ("voor onderwijsdoeleinden") van delen van boeken en toen hele boeken. Muziek kwam op banden en cassettebandjes terecht. De kopieermachine maakte steeds leesbaardere kopieën, tot en met kleuren. Het vermenigvuldigen werd oncontroleerbaar doordat het ook thuis kon worden gedaan.

En met het digitaliseren verergerde de situatie alleen maar: oneindige aantallen kopieën die identiek zijn aan het origineel en een origineel dat niet eens slíjt. Verérgerde?!

Wat lijkt te zijn gebeurd, is dat het sturingsinstrument buiten werking is gesteld. De vraag die dan opkomt, is in hoeverre ooit is verdiend aan het auteursrecht, het bedenken en máken van iets, of dat het eigenlijk altijd ging om reproductie. Ik denk dat het dat laatste is en dat de vraag nu weer aan de orde komt of je van auteursrecht kunt bestaan, in een wereld die om geld draait.

Waardevol is en blijft het unieke exemplaar, dat moeilijk tot niet is na te maken. Gold dat voor een opdrachtschildering door ene Rembrandt van Rijn, dat kan ook gelden voor opdrachtfoto's, boeken in bijzondere uitvoering of cd's met een <em>collectors jewelbox</em>. Mits ze maar niet digitaal beschikbaar komen. Maar weet wel dat met die uitingen weinig kan worden gedaan: (te?) weinig mensen zullen het ooit zien.

Alles wat digitaal beschikbaar komt, is kwetsbaar. Is dat erg?

Nee, zou ik denken. Het betekent dat informatie, of ze nu in tekst is gegoten of in beeld gevat, sneller en massaler beschikbaar is, wordt verspreid en wordt geconsumeerd.

Waar we wel bij moeten stilstaan, is dat dat systeem gevoed moet worden. Er zal een groep mensen moeten zijn die interessante <em>content</em> maakt en toevoegt. Het zal de samenleving moeten zijn die die functie zo waardevol vindt dat ze bereid is hem als collectief te onderhouden: scheppend kunstenaars in samenlevingsdienst. Niet vrijgesteld, maar werkend... aan hun eigen werk.

<a href="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-183501.jpg"><img src="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-183501.jpg" alt="20121218-183501.jpg" class="alignnone size-full" /></a>

Dat zou mijn basisgedachte zijn, het startpunt. Maar het is nog lang niet voldoende. Want het is en blijft zoeken naar balans. Wat belangrijk is in mijn ogen is dat we dan wel helder krijgen hoe en wat we waarderen.

Ik zie het gebeuren bij al die gratis diensten. Dat die niet gratis zijn, hebben we nu wel door. In ruil voor gebruik leveren we iets in: gegevens over ons gedrag, voorkeuren voor producten, de herbruikbaarheid van onze informatie. Op zich is dat logisch: ik doe iets voor jou in ruil voor iets wat ik van jou krijg. Ruilhandel, geïdealiseerd in het beeld van de ene boer die met de andere kaas tegen kippen ruilt. Maar ja, dat digitale, hè.

Geregeld vlamt er weer een discussie op over eigendomsrecht als weer eens een (<em>social media</em>) grootmacht in zijn gebruiksvoorwaarden opneemt dat zij het recht hebben jóuw <em>content</em> te gebruiken, dóór te verkopen. De ratten!

Maar dan toch ietwat gedateerde ratten. Want wat mij dan weer verbaast, is dat we niet zelf gebruik maken van die reproduceerbaarheid. Natuurlijk wil ik best 'betalen' voor gebruik van een dienst. Maar dezelfde foto die ik bij Instagram/Google plaats, staat ook op tal van andere plaatsen. Want ik wérk niet voor die dienst. Natuurlijk mogen ze proberen geld te verdienen met mijn werk. Maar precies datzelfde werk is op andere plaatsen ook te vinden. Wél gratis.

Kortom. Met uitzondering van degenen die er van moeten leven - maar die zullen ongetwijfeld niet van deze gratis diensten gebruik maken voor hun werk - is het niet veel anders dan je eigen <em>content</em> op meerdere plaatsen te publiceren. Dit blog kun je bijvoorbeeld ook vinden op http://www.blogspot.com; alhoewel ik daar weinig structureel mee om ga.

Je wilt toch dat zoveel mogelijk mensen kennis kunnen nemen van wat je maakte? Of wil je veel geld verdienen? Met wat? Kunstwerken? Dan zul je scheppend kunstenaar moeten worden; met alle gevolgen van dien. Dan mag je je voorbereiden op een situatie van <a href="http://www.waardebepalingachteraf.info/">waardering achteraf</a>. Want zó is het ook allemaal begonnen: iets zien, dat willen hebben en ervoor willen ruilen/betalen.

Wedden dat er steeds meer musea, restaurants, voorstellingen, boeken en muziek gaan verschijnen waarbij je eerst wil ervaren wat je gaat kopen in plaats van andersom? In plaats van te betalen voor de toegangsroute, die steeds breder wordt. Musea en theaters met de kassa aan het eind van de tentoonstelling of voorstelling. Boeken en muziek waarbij je ná het lezen of luisteren jouw waarde bepaalt en betaalt.

maandag 6 augustus 2012

18 Mooie casussen over fouten, verlies, ziekte ... en winst!


Voor de ongeduldige: lees gewoon dit artikel, want daarover gaat deze blogpost.
Het is een blogpost uit het blog van Attendly. Niet dat ik dat ken, maar de titel van de blogpost trok me wel aan: Stories of Failure and Redemption. 18 Verhalen over mislukking en verlossing. Mooi, toch? Dat redemption heeft toch wel iets spiritueels, iets religieus. Het zijn dan ook achttien verhalen van uiteindelijk succesvolle startups. Maar de focus ligt nu eens niet op dat succes als lineair volgens uit de start, maar op het absolute dieptepunt vóórdat die top werd bereikt.
En dat zijn leermomenten, hoor. Niet omdat ze anderen van dezelfde fouten zullen behoeden. Maar wel maken ze allemaal duidelijk dat het mensenwerk is, met menselijke emoties en beslissingen. Het maakt duidelijk dat niet alles van leien daken gaat. Dat je ook als beginnend ondernemer 's nachts, kotsend van de zenuwen over betalingen, boven de wc-pot kunt hangen.
Het zijn allemaal mensen die het doen.
Dat maakt de verhalen ook herkenbaar: de keuze voor een beduidend goedkopere bouwer. En de daaropvolgende zenuwslopende bouwtrajecten. Ik zie de potten kalmeringstabletten al voor me.
20120802-185354.jpg
Of de, denk ik, onwaarschijnlijk moeilijke beslissing afscheid te nemen van je geesteskind en opnieuw te beginnen.
20120802-185338.jpg
Ik blijf erbij: het delen van ervaringen is de essentie van het Nieuwe Ondernemen. Dat betekent leren van elkaar en dat doe je door zowel de successen als de missers te benoemen. En je te realiseren dat fouten niet kunnen worden voorkomen. Nooit.