Posts tonen met het label alternatief. Alle posts tonen
Posts tonen met het label alternatief. Alle posts tonen

woensdag 30 april 2014

Een nieuwe Marx?

Gisteren blogde ik een gedachte over parasitair en symbiotisch gedrag als aspect van een mogelijk ontstaan van een deeleconomie. Vandaag sprak ik met een goede kennis over een gevolg van parasitair gedrag.

We zijn inmiddels wel doordrongen van het feit dat het schip dat samenleving heet, zwaar slagzij maakt. De vraag is hoe ernstig je die slagzij inschat en ook waar op dat kapseizende schip je je bevindt. Ikzelf voorzien problemen met de hoeveelheid mensen die in de paar beschikbare reddingboten een veilige plek moeten vinden.

De reden dat ik denk dat het een crisissituatie gaat worden, is niet eens zo vergezocht. Er vindt een cumulatie, ophoping van geld plaats bij een kleine groep mensen.

Iedereen die weleens dat (verschrikkelijke) Monopoly speelde, kent het moment waarop de lol er af is. Dan hebben één of twee spelers zoveel huizen en geld dat de anderen eigenlijk niets meer kunnen. De lol is er af en de meligheid, of chagrijn, slaat toe. Vaak is het dan ook al erg laat op de avond.

Dat moment nadert nu in het echte leven. De lol is er bijna af en het chagrijn groeit.

Die cumulatie is extreem aan het worden. Uit één van de rapporten daarover een plaatje en een citaat.

wealth-pyramid

This leads to the most startling figure in the report: "Our estimates suggest that the lower half of the global population possesses barely 1% of global wealth, while the richest 10% of adults own 86% of all wealth, and the top 1% account for 46% of the total."


Het proces is al jaren aan de gang. Degenen die dit toen voorspelden, zijn over het algemeen min of meer weggehoond als marxistische doemdenkers. Als mensen die het bij het helemaal verkeerde eind hebben, want het ging toch iedereen goed? Met de bankencrisis en de grote maatschappelijke gevolgen die daarop volgden, wordt duidelijk dat de verdeling steeds schever wordt.

Da's dus een interessante. Indien een heel klein aantal mensen (Monopoly-spelers) een extreem grote hoeveelheid geld heeft, dan loopt dat geld het risico feitelijk waardeloos te worden. Je zou kunnen redeneren dat iemand die al het geld heeft, ook alles kan kopen. Vergeten wordt dat in die situatie de grootste groep inmiddels andere vormen van ruilen móet hebben ontwikkeld, omdat 'geld' te weinig beschikbaar is.

Wat dat betreft, lijkt het me ook zeer onverstandig van die 'astronomisch rijken' om die situatie te laten ontstaan. Dan blaas je de ballon zo ver op, dat-i klapt.

Het is ondoenlijk te voorspellen waar we gaan uit komen. Zoals ik al vaak beweerde: zoiets als technologie kan naar twéé kanten uitwerken en er niemand die over die richting de regie voert. Het is het uiteindelijk effect van ongelooflijk veel krachten. Maar dat het óók kan leiden tot een nóg scherpere tweedeling, is wel bewezen. Technologie heeft zelden een 'empowerend' effect voor de minst-machtigen. Degene die profiteren, zijn vooral de middenklassen en de hogere.

Klinkt marxistisch?! Tja. Je kúnt je er van af maken met die dooddoener (ik ben dat, tussen twee haakjes, niet, maar dat neemt niet weg dat ik die ongelijkheid en tendens zie).

Ik verwacht dat ik het boek niet koop. Veel te dik. Maar desondanks lijkt het me zinnig kennis te nemen van z'n boodschap. En vandaag vond ik in The Guardian een leesbare bespreking ervan: Thomas Piketty's Capital in de Twenty-first Century.

Capitalism, in short, automatically creates levels of inequality that are unsustainable. The rising wealth of the 1% is neither a blip, nor rhetoric.


Een nieuwe Marx? Zo te zien niet. Maar toch ook weer wel.

woensdag 26 december 2012

Het eind van copyright


Mensen kunnen heel paradoxale wezens zijn. Soms willen we zowel het een als het ander en lijken het een en het ander met elkaar op gespannen voet te staan. Da's een lastig dilemma.

Hét klassieke voorbeeld van zo'n situatie is iets maken of bedenken. Wat moet je daar nu mee? Dan héb je bijvoorbeeld een prachtig kunststuk gemaakt. Maar de erkenning dat het dat ook echt zo is, krijg je pas als ook (veel) anderen het hebben gezin en gewaardeerd. Maar zijn 'die anderen' wel te vertrouwen? Wat als ze het namaken? Of stelen? Of een variant maken?

Dat beveiligen is vandaag de dag verdraaid lastig. Maar in eerdere tijden kon het vrij goed door je niet te concentreren op het unieke product. Een betere manier was je concentreren op de reproductie. Het intellectueel eigendom, het bedenkersrecht, is en was onvervreemdbaar bij de bedenker, maker. En omdat reproduceren nogal wat voeten in aarde had, was het vrij goed te doen om reproducties aan te pakken.

Boeken moesten worden gedrukt. Muziek op platen geperst. Kunst goed reproduceren eiste geavanceerde druktechnieken.

<a href="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-184107.jpg"><img src="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-184107.jpg" alt="20121218-184107.jpg" class="alignnone size-full" /></a>

Maar een heleboel van die drempels zijn weg. Het begon met het kopiëren ("voor onderwijsdoeleinden") van delen van boeken en toen hele boeken. Muziek kwam op banden en cassettebandjes terecht. De kopieermachine maakte steeds leesbaardere kopieën, tot en met kleuren. Het vermenigvuldigen werd oncontroleerbaar doordat het ook thuis kon worden gedaan.

En met het digitaliseren verergerde de situatie alleen maar: oneindige aantallen kopieën die identiek zijn aan het origineel en een origineel dat niet eens slíjt. Verérgerde?!

Wat lijkt te zijn gebeurd, is dat het sturingsinstrument buiten werking is gesteld. De vraag die dan opkomt, is in hoeverre ooit is verdiend aan het auteursrecht, het bedenken en máken van iets, of dat het eigenlijk altijd ging om reproductie. Ik denk dat het dat laatste is en dat de vraag nu weer aan de orde komt of je van auteursrecht kunt bestaan, in een wereld die om geld draait.

Waardevol is en blijft het unieke exemplaar, dat moeilijk tot niet is na te maken. Gold dat voor een opdrachtschildering door ene Rembrandt van Rijn, dat kan ook gelden voor opdrachtfoto's, boeken in bijzondere uitvoering of cd's met een <em>collectors jewelbox</em>. Mits ze maar niet digitaal beschikbaar komen. Maar weet wel dat met die uitingen weinig kan worden gedaan: (te?) weinig mensen zullen het ooit zien.

Alles wat digitaal beschikbaar komt, is kwetsbaar. Is dat erg?

Nee, zou ik denken. Het betekent dat informatie, of ze nu in tekst is gegoten of in beeld gevat, sneller en massaler beschikbaar is, wordt verspreid en wordt geconsumeerd.

Waar we wel bij moeten stilstaan, is dat dat systeem gevoed moet worden. Er zal een groep mensen moeten zijn die interessante <em>content</em> maakt en toevoegt. Het zal de samenleving moeten zijn die die functie zo waardevol vindt dat ze bereid is hem als collectief te onderhouden: scheppend kunstenaars in samenlevingsdienst. Niet vrijgesteld, maar werkend... aan hun eigen werk.

<a href="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-183501.jpg"><img src="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2012/12/20121218-183501.jpg" alt="20121218-183501.jpg" class="alignnone size-full" /></a>

Dat zou mijn basisgedachte zijn, het startpunt. Maar het is nog lang niet voldoende. Want het is en blijft zoeken naar balans. Wat belangrijk is in mijn ogen is dat we dan wel helder krijgen hoe en wat we waarderen.

Ik zie het gebeuren bij al die gratis diensten. Dat die niet gratis zijn, hebben we nu wel door. In ruil voor gebruik leveren we iets in: gegevens over ons gedrag, voorkeuren voor producten, de herbruikbaarheid van onze informatie. Op zich is dat logisch: ik doe iets voor jou in ruil voor iets wat ik van jou krijg. Ruilhandel, geïdealiseerd in het beeld van de ene boer die met de andere kaas tegen kippen ruilt. Maar ja, dat digitale, hè.

Geregeld vlamt er weer een discussie op over eigendomsrecht als weer eens een (<em>social media</em>) grootmacht in zijn gebruiksvoorwaarden opneemt dat zij het recht hebben jóuw <em>content</em> te gebruiken, dóór te verkopen. De ratten!

Maar dan toch ietwat gedateerde ratten. Want wat mij dan weer verbaast, is dat we niet zelf gebruik maken van die reproduceerbaarheid. Natuurlijk wil ik best 'betalen' voor gebruik van een dienst. Maar dezelfde foto die ik bij Instagram/Google plaats, staat ook op tal van andere plaatsen. Want ik wérk niet voor die dienst. Natuurlijk mogen ze proberen geld te verdienen met mijn werk. Maar precies datzelfde werk is op andere plaatsen ook te vinden. Wél gratis.

Kortom. Met uitzondering van degenen die er van moeten leven - maar die zullen ongetwijfeld niet van deze gratis diensten gebruik maken voor hun werk - is het niet veel anders dan je eigen <em>content</em> op meerdere plaatsen te publiceren. Dit blog kun je bijvoorbeeld ook vinden op http://www.blogspot.com; alhoewel ik daar weinig structureel mee om ga.

Je wilt toch dat zoveel mogelijk mensen kennis kunnen nemen van wat je maakte? Of wil je veel geld verdienen? Met wat? Kunstwerken? Dan zul je scheppend kunstenaar moeten worden; met alle gevolgen van dien. Dan mag je je voorbereiden op een situatie van <a href="http://www.waardebepalingachteraf.info/">waardering achteraf</a>. Want zó is het ook allemaal begonnen: iets zien, dat willen hebben en ervoor willen ruilen/betalen.

Wedden dat er steeds meer musea, restaurants, voorstellingen, boeken en muziek gaan verschijnen waarbij je eerst wil ervaren wat je gaat kopen in plaats van andersom? In plaats van te betalen voor de toegangsroute, die steeds breder wordt. Musea en theaters met de kassa aan het eind van de tentoonstelling of voorstelling. Boeken en muziek waarbij je ná het lezen of luisteren jouw waarde bepaalt en betaalt.