Posts tonen met het label discipline. Alle posts tonen
Posts tonen met het label discipline. Alle posts tonen

vrijdag 1 augustus 2014

Wij zelfkwellers

Eigenlijk zijn we steeds grotere zelfkwellers geworden. Mensen die zichzelf pijnigen met onzekerheid, met tegenstrijdige adviezen, met regels, patronen en blauwdrukken. O, en met het aloude elkaar in de smiezen houden en de maat nemen. Vooral dát niet vergeten.

In mijn kudde stokpaarden is dit een belangrijk exemplaar. Alle levende wezens hebben zo hun eigen gewoontes, normen en waarden. Niet dat de eencelligen zich daarvan bewust zijn, maar ook zij worden de dupe van 'fout gedrag'. Hét grote verschil met ons mensen, naast dat bewustzijn, is dat de meeste andere levende wezens niet bepaald onderhandelen over de leefregels. Eten of gegeten worden, is, geloof ik, wel de bottom line waaraan alles wordt getoetst.

Maar wij vreten elkaar niet op. Sterker, er zijn zelfs mensen die denken dat we geneigd zijn tot het vermijden van geweld. Persoonlijk vind ik dat een linke houding, want in een geweldvermijdende omgeving is één geweldgebruikende idioot al snel de machtigste.

Groepen mensen hebben diverse manieren ontwikkeld om samen te leven. Die zijn niet per definitie gericht op vréédzame coëxistentie op basis van gelijkheid. Meer- en mindermachtigen zullen er altijd zijn. Hoe pijnlijk ook: zelfs in dictaturen kan het dagelijks leven vreedzaam zijn, terwijl de verhouding volledig zoek is. Omdat het draagvlak voor een dictator over het algemeen smal is, zal die toch altijd omvallen. Voor bestendiging is dat draagvlak nodig. Een gedeeld wereldbeeld is dan prima. Een geloof bijvoorbeeld kan heel goed machtsverdeling legitimeren.

In veel westerse landen wordt daar ietwat meewarig naar gekeken. Moslims, boeddhisten, animisten: ze zijn toch echt wel achterlijk ten opzichte van onze inzichten. Niet alleen is dat een enorm arrogante houding van iemand die meent een absolute wijsheid en waarheid in pacht te hebben; het roept ook de vraag op hoe het hier dan zo goed zit?

Slecht, denk ik.

Het was de zoveelste aanprijzing voor een cursus die me ertoe bracht dit op te schrijven. Het ging over een cursus hoe je meer klanten kunt binnenhalen door op de juiste manier de telefoon op te nemen. Het zal vast goed bedoeld zijn en het zal vast ook geen totale onzin zijn. Maar het tekent wel ons geloof.

Het lijkt wel alsof niets meer spontaan kan worden gedaan.

De afgelopen twintig, dertig jaar is er een hele industrie ontstaan van mensen die ons kunnen en willen vertellen 'hoe het moet'. Daarmee verdienen zij hun geld. Daarmee worden wij steeds onzekerder en steeds gedisciplineerder. Daardoor wordt ons (gedeeld) wereldbeeld steeds functioneler.

De sociologie heeft ons ondermeer het inzicht gebracht dat 'de maatschappij' alleen kan worden gezien als je 'm isoleert in verschillende perspectieven. Het is de waarde die jij toekent aan een perspectief die bepaalt hoe jij oordeelt. Maar je buurman kan daarover heel anders denken, met evenveel gelijk. Het gaat om daaraan ten grondslag liggende veronderstellingen en oordelen.

Maar langzamerhand fixeren wij onszelf. Niet eens aan meermachtige mensen, maar aan systemen en een geloof, in regels code. We ontwikkelen een seculier geloof. Een cijfermaatschappij (en, ja, dat is een conclusie op basis van een manier van kijken).

Eerlijk gezegd, zie ik de vooruitgang niet per sé als verbetering. Je moet dat woord code eens ruimer opvatten dan alleen softwarecode. Ook al die 10 regels naar geluk, naar rijkdom, naar succes; de 8 tips voor succesvol ondernemerschap, solliciteren, een goed huwelijk; de 20 geheimen voor een gezond dieet, een atletenlichaam of een stralend gebit: allemaal ontnemen ze je een stukje van je eigen intuïtie en gevoel. De RK-kerk schrijft op vrijdag vis voor? Welnu, methode Y schrijft deze stappen voor als je succes wilt hebben in ..... .

Snappu?

Als je het allemaal te serieus neemt, wordt je niet alleen angstig maar ook gemodelleerd, willoos. En de grootste grap is dat de meeste van die adviezen na verloop van tijd weer worden betwijfeld of, erger, aangetoond onjuist zijn. Want, tja, het ligt maar net aan het perspectief wat je kiest als waarheid.

Ik ben voor jóuw intuïtie en jouw eigen gezond verstand.

donderdag 13 februari 2014

Naming and shaming: zwaktebod

Hoe vaker ik het tegen kom, hoe vreemder het wordt.

Ergens in het kielzog van de transparantie- en open data-gesprekken vind je de gedachte dat het corrigerend werkt om regelovertreders met naam en toenaam bekend te maken. In fatsoenlijk modieus Nederlands heet dat naming and shaming. Het heeft iets weg van het Middeleeuwse gebruik om tentoonstelling in een schandpaal als straf te hanteren.

4723-476-385

Maar 'onze' variant is volgens mij vooral een zwaktebod.

De schandpaal was de straf. Die werd toegepast als straf voor relatief lichte vergrijpen. Terzijde, ook interessant is de ontwikkeling van de réden voor bestraffing. Foucault beschrijft dat prachtig: begonnen als persoonlijke belediging van de heerser die moest worden bestraft, ontwikkelt de grondslag tot vrijheidsberoving wegens maatschappelijke belang.

Enacting the revenge upon the convict's body, which the sovereign seeks for having been injured by the crime. Foucault argues that the law was considered an extension of the sovereign's body, and so the revenge must take the form of harming the convict's body.
(...)
The emergence of prison as the form of punishment for every crime grew out of the development of discipline in the 18th and 19th centuries, according to Foucault.
(...)
Foucault's argument is that discipline creates "docile bodies", ideal for the new economics, politics and warfare of the modern industrial age - bodies that function in factories, ordered military regiments, and school classrooms.


Fysieke schandpalen en schavotten hebben we niet meer; bijeenkomsten op dorps- en stadspleinen overigens evenmin. Toch lijkt ook onze tijd met al z'n digitale werkelijkheden iets te hebben wat op schandpalen lijkt.

Wij hebben lijsten, openbare lijsten.

Het past netjes in Foucaults beeld van een disciplinerende macht. Als je niet oppast, kom je op een lijst. Een lijst waarop iedereen staat die iets 'fouts' deed. Er zijn lijsten van belastingontduikers, van verzekeringsoplichters, van kinderlokkers, van wanbetalers, van benzinedieven, van excessief graaiende bestuurders, van failliete personen, en van failliete bedrijven, van smerige horeca, van dieronvriendelijke winkels, van 'slechte service leverende' bedrijven, van... ga maar door. Tientallen.

Veel van die lijsten zijn lijsten uit onmacht. Blijkbaar is de corrigerende instantie niet in staat (geweest) de betrokkene te corrigeren. Dan is de hulp nodig van de massa, van de crowd, van - ooit zo genoemd - het gepeupel. Dat vind ik een teken van onmacht: "Het lukt me niet. Help!". Dat helpen kan bestaan uit helpen zoeken, maar steeds vaker ook uit helpen door te verbannen, door te stoppen er te kopen. Waarom bén je er dan?

Het loont de moeite zoiets als open data ook eens door die bril te bekijken. Openheid en transparantie spelen in die disciplineringsdiscussie een niet onbelangrijke rol.

zaterdag 16 november 2013

De verdwijning van creativiteit

De kabeldecoder geeft BBC1 door aan het televisietoestel terwijl ik dit schrijf. Misschien dat ook jij hoort bij de mensen die weten wat er dan te zien is: rugby! Om precies te zijn Rugby Union. Er zijn namelijk twee types: Union en League. Allebei met hun aantrekkelijkheden, maar voor de tv gaat mijn voorkeur uit naar Union.

Ook rugby kent internationale landentoernooien. Die wedstrijden worden internationaal gevolgd op televisie, maar ook in nokkievolle stadions. Daar zitten aantallen fans waar een Nederlands voetbal-elftal nog een puntje aan kan zuigen. De sfeer is ook nog eens bijzonder: je bent eerst rúgbyfan en dan landen- of clubfan. Alles zit dus gemengd en zonder rare kooien om zich heen op de tribunes.

In de aanloop naar zo'n wedstrijd verzorgt BBC1 uiteraard ook commentaar en vooruitblikken. In tegenstelling tot studiogeneuzel uit Hilversum komt dat allemaal vanaf het veld of uit het stadion. Het aardigst is dat je daardoor ook een bijna continue beeld hebt van de warming up.

Als je rugbytrainingen kent, weet je dat die voor een groot deel (ook) bestaan uit het inslijpen van patronen. Je speelt de bal achteruit. Dan is handig als je die worpen blindelings kunt doen en dus wordt er duizenden keren geoefend, tot het jeugdspelers soms de keel, neus en oren uit komt. Dan zie je die reuzen uit het professioneel rugby op het veld staan: dezelfde bewegingen waarmee de driekwarten - de 'lichtgewichten' - elkaar vinden en dezelfde waarmee de voorwaartsen - de 'dikkerds' - samenbinden tot één massief blok, de scrum.

Toen ik daarnet daar zo naar zat te kijken, schoot me wel iets te binnen.

Het zijn vooral de atypische acties die enthousiasme opwekken. De individuele ingevingen. Als je het projecteert op voetbal: Messi is een uitzonderlijk voetballer omdat-i buiten patronen stapt en 'geniaal' voetbalt. Hij heeft, krijgt of neemt die ruimte ook, net als veel van de andere 'top-aanvallers'. Daar zijn er maar weinig van.

Als je naar (de top in) teamsport kijkt, zie je dat patroon eigenlijk iedere keer weer: men is enorm bezig met het aanleren van patronen opdat het team zich als één geheel, een organisme kan bewegen. Voetballers die snel driehoekjes moeten kunnen spelen. Rugbyers die snel handjes moeten kunnen spelen. Volleyballers die een-twee-drie opzetten.

Dat is eigenlijk precies hetzelfde als in de hele samenleving te zien is. Patronen, afspraken, protocollen: in principe hetzelfde laken en pak. In relatie tot de kern van 'spel' vind ik dat toch iets vreemds hebben. Je zou namelijk verwachten dat dat spelen grotendeels neerkomt op het vinden van oplossingen van onverwachte situaties, die de tegenpartij creëert. Niet dat een team dus geen gemeenschappelijkheid moet hebben, maar er zijn grenzen aan.

Voor mij is dat een verklaring voor het verlies aan attractiviteit van voetbal. Het is een sfeerloze kaats- en schaakwedstrijd geworden. Eerlijk is eerlijk: mijn minst favoriete rugbywedstrijden zijn de kicking games - waarbij bijna uitsluitend punten worden gescoord uit penalty kicks - omdat die vaak neerkomen op herhaalde fysieke botsingen. Die zijn op zich overigens ook spannend en opwindend om te zien, maar dan zouden ze dóór moeten gaan voor een echte veld try.

Ik zit me af te vragen in hoeverre teamsporten ook onderhevig zijn aan een tendens waarin eigen initiatief ondergeschikt is aan collectief belang. In de meeste bedrijven is dat de gewoonste zaak van de wereld.

De draak spuwt vuur. Wales komt het veld op. Ik ga kijken hoe goed de patronen er in zitten.

woensdag 31 juli 2013

Witgesokte sandalen

Natuurlijk. Ook ik vind bepaalde zaken mooi en andere lelijk. Niet dat ik dat kan beredeneren, laat staan met esthetisch gefundeerde modellen of verklaringen. Mooi is mooi. Da's zo ongeveer de samenvatting. En mooi... da's alles wat iets bij je teweeg brengt.

Aan, wat ik maar noem, al dat gelul over kunst en wat wel en wat niet kan in de mode, heb ik een broertje dood. Het zijn juist díe mensen met hun getheoretiseer die het werk van kunstenaars steeds verder isoleren, steeds meer ontfunctionaliseren.

Niet dat alles functioneel moet zijn in de betekenis van praktisch toepasbaar. Functioneel is ook dat wat jou tot nadenken aanzet, even wegzuigt uit de realiteit van alledag. Dan is het van tóegevoegde waarde als er achtergrondinformatie beschikbaar is over het ontstaan. Maar dat is en blijft toegevoegd. Kunst en mode alleen dan 'snappen' als de uitleg beschikbaar is?! Volgens mij klopt er dan iets niet.

Dat ik een weerzin voel tegen "zo hoort het", zal je dus niet verbazen. Wat mij betreft, volgt iedereen zijn eigen voor- en afkeuren. Da's nooit helemaal vrij. Er zíjn conventies. Maar diep in m'n hart vind ik die allemaal betwistbaar.

Zo heb ik een zoon die niet eet volgens de methode Mes Rechts Vork Links. Hij doet het precies andersom. Maar waarom zou ik me daar eigenlijk druk over maken? Het gaat er toch om dat-i kan genieten van het eten. Okay, ook daar twijfel ik weleens aan.

Uiteraard ben ook ik niet vrij van (voor)oordelen. Wat ik hierboven schreef, is vrij rationeel gedacht. Soms zie je toch dingen waarvan je denkt: "Hmmm... was dat nu slim?". Dat heeft alles te maken met schoonheid. En de lol is dat we daar allemaal anders over denken.

Een paar jaar geleden heb ik Alleen Maar Nette Mensen gelezen. Een aardig boek - de kritiek dat het discriminerend of vrouwvijandig is, deel ik niet - maar ik kan me er vooral van herinneren dat ik me geregeld afvroeg wat de hoofdpersoon toch zag in vrouwen met dikke billen. Grote borsten en dikke billen zijn niet mijn associatie met mooie vrouwen.

Toch zijn ze er. En toch zijn er mensen die het allemaal wél mooi vinden. En die mensen hebben alle recht van leven. Ook als ik dat maar niks vind. Want, tja, wie ben ik? Wie ben jij?

In Frankrijk liepen we deze zomer tegen het eind van een hete zomermiddag het strand op. Voor ons een aantal mensen. Ook op zoek naar afkoeling of een bruine huidskleur of weet ik veel met welke reden dan ook. Eén man viel mij op. Hij ging het strand op met een korte beige broek en sandalen aan; sandalen met witte sokken.

Dat heeft me een poosje bezig gehouden. Waarom loop je op sandalen een strand op? Die dingen zijn handig en lekker luchtig. Maar waarom sokken? Het enige wat ik kon bedenken, komt uit m'n eigen ervaring. In m'n tienerjaren had ik een hekel aan zandkorrels als je naar het strand was geweest, in je haar, klevend aan je huid, in m'n kleren. En aan je voeten. Sokken voelden dan veel zachter aan. Niet dat het praktisch was.

Ik ben er al jaren overheen. Maar dat denken in 'functioneel voor míj' is er nog steeds. En ook mijn verwondering over mensen die zich enorm druk kunnen maken over hoe anderen er bij lopen. Vooral in termen van "dát kan echt niet". Hoezo?!

Al die mode-zeloten zouden zich eens moeten realiseren dat ze feitelijk in een ontzagwekkend strak keurslijf leven. Het vreemde daaraan is dat ik iedere keer weer - zeker zomers - tot de ontdekking kom dat allerlei mensen die zichzelf zien als 'bevrijd denker' de ergste zeloten zijn.

Laat ze toch: die buiken die over bikini's blubberen, die witte melkflesstelten, die wítte legging, dat bierbuikje, het 'verkeerd geknoopte' jasje, het 'te jeugdig' korte rokje, de topless oma op het strand, de stijf opgetrokken sokken onder een korte broek,...

Doe lekker wat je zelf prettig vindt, handig vindt of mooi vindt. Sterker, de mode ontstaat grotendeels op straat. Zonder eigenzinnigheid wordt dat niets.

maandag 17 juni 2013

Geen creatieve klasse?!

'Ze' maken zich er enorme zorgen over. Over de toekomst van Nederland. En dan ook nog 's in het bijzonder de económische toekomst. 'We' moeten daar iets aan doen. 'We' installeren denkteams, brainstormbijeenkomsten, topteams en maken geld vrij. Allemaal initiatief, denken 'ze', om de economie te stimuleren. Zonder groei gaan we het niet redden. Want dat is 'hun' adagium: groei, groei, groei. Tot je over de rand de afgrond in kukelt.

Maar waarover maken 'ze' zich eigenlijk druk?

Het klinkt allemaal zo logisch. Als je economische groei nastreeft, heb je innovatie nodig. Ontwikkeling. Dan heb je creativiteit nodig, die, op zijn beurt, ruimte nodig heeft. Die ruimte bestaat vooral uit geld en middelen. Dus is er een regeling nodig. Voila. De Oplossing.

Zo werkt dat dus niet.

Het is verbazingwekkend dat we nog steeds aan de slag zijn met regelingen. Inmiddels had toch wel eens duidelijk mogen zijn dat die niet werken. Een voor de hand liggende verklaring - en de plausibelste van allemaal - is dat het bestaan van die regelingen het bestáánsrecht is van een aantal organisaties en het lévensonderhoud vormt voor een aantal individuen. Da's ook niet verwonderlijk: wij mensen werken nu eenmaal graag in circuits, in en met bekende netwerken. Dus zie je vaak dezelfde namen opduiken in subsidietoekenningen en op conferenties. Als je daar maar vroeg genoeg inschuift, wordt je haast vanzelfsprekend op den duur de expert. Jíj bent immers de voorloper.

Dat de gekozen oplossingen vooral het bestaande faciliteren, mag geen nieuws zijn. Dat dit één van die publieke geheimen is, evenmin. Dat verklaart waarom keer op keer toch die weg wordt gekozen. Die heeft niets met de inhoud, maar alles met plooiing te maken. Deze aanpak komt de status quo goed uit, maar of daarmee de werkelijke vraag, de werkelijke behoefte is gedekt?!

Zoiets als creativiteit. Dat is inderdaad een heel belangrijke drijfveer. Alleen met verbeelding kunnen we problemen oplossen. Dan moet je wel verbeelding in al zijn vormen accepteren.

En daar wringt iets.

De indruk wordt gewekt dat we een gebrek aan innovatiekracht hebben. Dat we meer technici nodig hebben. Dat innovatie niet alleen een factor van economisch belang is, maar vooral een technologische.

Onzin. En getuigend van een bekrompen visie.

Je hoeft er niet van te houden om het te zien gebeuren. Het bárst van de creatieve uitingen. Niet dat ik kunsthistoricus ben; maar hoeveel componisten liepen er in de periode voor de twintigste eeuw rond? Ik durf te verwedden dat zelfs als de rondreizende minstrelen en troubadours worden meegeteld er toen niet zoveel muziek werd gemaakt als nu. En , nee, niet omdat we nu met meer zijn dan zij.

Persoonlijk vind ik het nog steeds een fenomeen om te zien hoeveel mensen vinden dat zij muziek kunnen en moeten maken. Maar vooral het verschil tussen klassiek en populair. De klassieken schrijven de muziek uit, waarna 'het stuk' wordt gespeeld door anderen. Populairen maken het zelf en spelen het zelf. Nog mooier, het is helemaal geen aanbeveling als je muziek van anderen speelt. Dan verdwijn je zo'n beetje in de bak Feestmuziek en Coverbands.

Eind van dat liedje is dat het werkelijk bárst van de mensen die muziek maken om iets uit te beelden. Het leidt ook tot intrigerende fenomemen als ongeduld - ze denken ook meteen wereldberoemd te kunnen worden - en selectie - wat mooi is, bepaalt de toehoorder. Het interessantst van allemaal is echter dat het ook aantoont wat hen beweegt.

Eigenlijk zou ik de vraag zo willen stellen: is het niet eerder zo dat de bestaande creativiteit een heel andere richting wil kiezen dan de economisch-technologische? Dat het gros van de mensen mogelijkerwijs veel liever scheppend kunstenaar - muzikant, schilder, filmer - wil zijn?