Posts tonen met het label nieuwe werken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label nieuwe werken. Alle posts tonen

zaterdag 4 mei 2013

Collega's: vriend of vijand?

Dit is de verklaring:
The workplace is not a collection of friends and family sharing personal updates, rumors, and the like, so labeling business tools as social simply doesn't make sense.


In Infoworld schrijft Galen Gruman dit artikel - Social business apps' weakness: Being social - waarin dit citaat voorkomt.

Het klinkt logisch: jouw werk is niet jouw vrienden- of familienetwerk. Dat wordt door heel andere factoren en criteria bepaald. En dus is het ook niet verwonderlijk dat het kopiëren van social media naar bedrijfsomgevingen niet (goed) werkt.

Toch waag ik dat te betwijfelen. Niet dat ze niet werken. Maar wel de verklaring. Alhoewel degene die ík eerder als verklaring zou zien, wel wordt genoemd: "Be open with us and your colleagues, and note everything you say is recorded and subject to disciplinary action.".

Gruman schrijft zijn artikel over bestaande bedrijven die social media implementeren. Wat ik met hem eens ben, is dat zonder visie gebeurt. Maar dat geldt voor het najagen van veel. Dat is in het (moderne) bedrijfsleven met z'n fixatie op korte termijn, onbetwist. Dat gaat fout. Heel terecht wijst Gruman er op dat het van het grootste belang is te weten hoe mensen samenwerken en welke toepassingen dat ondersteunen.

Dat betekent wel dat de onderneming ook dát wíl doen: de samenwerking tussen medewerkers centraal stellen. Jammer genoeg zal een gemiddeld manager eerder denken in termen die neerkomen op 'leiding geven aan zijn ondergeschikten'. Dat is de diametraal tegengestelde positie. Serieus luisteren en gehoor geven aan die samenwerking, impliceert ook eigen idee en oordeel terzijde plaatsen. Als ik één vraagteken zou mogen plaatsen bij de LEAN-aanpak is dat precies dit.

In die klassieke, verouderde termen denkend, klopt het wel dat social media niet passen. Dat is ook wat ik de afgelopen jaren keer op keer van collega's hoorde: 'Ja, ik ga me daar sociaal zijn met collega's', 'Wat zou ík nu moeten delen met de rest?', 'Als ik ze vertel wat ik doe en denk, krijg ik dat op m'n bordje'. En dat is dus een club die zichzelf probeert te afficheren als 'innovatief'. Mij is het nooit gelukt daar tussen de oren te krijgen dat dat een valse claim is en dat het management een klassieke uitvoeringscultuur maakten.

Wat ik bijzonder vind aan Grumans betoog, is dat-i begint met de idee dat social media gaan over het publiceren van persoonlijke berichten, roddel en geruchten én dat dát geen (directe) relatie heeft met werk. Zoals het hoort; zó absoluut stelt hij het niet:

Businesses don't need social tools, but they need collaboration and communications tools. Businesses don't need to reinvent human interplay at work as if it were a virtual party, but they need to help people work together to achieve the desired creative, efficiency, and other results from that collaboration.

Of course, human interactions by definition are social, and you get more useful collaboration if you encourage constructive dialog -- that is, get people to engage. Call that human factor "engagement," not "social," and focus on what you really want. Engagement is critical to collaboration, but engagement for its own sake is not critical at all.


Kijk. Daar wijk ik af. Want als betrokkenheid - en vertrouwen, veiligheid - belangrijk zijn, dan zijn juist die sociale processen van het allergrootste belang. In tijden van oorlog zal ik vertrouwen op mensen die ik goed kén. Klinkt dramatisch, maar het is wel een goede graadmeter voor die hechtheid. En dan is het juist góed meer te weten en doen dan alleen werkgerelateerde informatie uitwisselen. Dat maakt een veilige omgeving.

Eigenlijk krijg ik ook wel gelijk. Want als er één plek is waar ik die manier van samenwerken vaker dan elders zag, dan is het deze waar ook Gruman op wijst:
(...) focusing on specific collaboration needs and identifying technologies that truly support them. A good place to start is to "look for scenarios where people are working differently, then seeing what tools they are using." People, especially those engaged in creative work, are good at finding tools. Rather than impose tools on such people, see if you can grow from what they find useful or at least use them as a starting model.


Het begint en eindigt met mensen. De komst van social media heeft ons nieuwe instrumenten gegeven. Die met alle geweld in oude keurslijven persen, gaat niet werken.

vrijdag 1 maart 2013

Het eind van Het Nieuwe Werken


Ze hebben het allemaal natuurlijk allang voorspeld: dat <a href="http://het-nieuwe-werken.startpagina.nl/">Nieuwe Werken</a> kón niet lukken. Dat idee dat mensen lokatie- en tijd-onafhankelijk productiever zouden zijn dan gewoon iedere werkdag op vastgestelde tijden op kantoor verschijnen. En nu bewijst een internetbegrip als Yahoo dat dat inderdaad ook niet kan. De nieuwe topman, sorry -vrouw, van het bedrijf verordonneerde dat medewerkers zich ook op geregelde tijden op kantoor laten zien.

<a href="http://allthingsd.com/20130225/survey-says-despite-yahoo-ban-most-tech-companies-support-work-from-home-for-employees/">AllThingsD </a>(Wall Street Journal) stuitte op dit interne memo van Yahoo-topvrouw Marissa Meyer en bracht het van de week naar buiten:

<a href="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2013/02/photo-28-02-13-18-07-50.jpg"><img src="http://medunkt2011.files.wordpress.com/2013/02/photo-28-02-13-18-07-50.jpg?w=300" alt="Photo 28-02-13 18 07 50" width="300" height="287" class="alignnone size-medium wp-image-3513" /></a>

Het verhaal laat zich raden. Yahoo - een bedrijf onder druk - probeert vereende krachten te verzamelen en op die manier (weer) een positie in de kopgroep van het veld te verwerven. Dan heb je dus weer sprankelende ideeën nodig. Die krijg je niet als mensen elkaar te weinig zien. Die werkwijze past goed bij solistisch werk, maar niet bij groepswerk. Logisch, toch?

In het kielzog van Yahoo zag je de afgelopen week meer directeuren, voorzitters van raden van bestuur én hun medewerkers ineens <a href="http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2680/Economie/article/detail/3400832/2013/02/27/Nine-to-five-en-dan-de-kroeg-in-dat-is-zo-slecht-nog-niet.dhtml">'uit de kast'</a> komen over Het Nieuwe Werken. Opvallend genoeg bleken de medewerkers vooral problemen te hebben met het gevoel buiten de organisatie en vooral buiten de bedrijfspolitiek te staan. Zorgen, dus, over de kansen op promotie en zorgen over dat beroemd-beruchte 'witte voetje bij de baas'.

En dus is het aftakeling van Het Nieuwe Werken ingezet.

Níet. Vind ik.

Want het is behoorlijk inflattoir dat begrip Het Nieuwe Werken. Inmiddels lijkt het zo dat alle thuiswerk-activiteit onder Het Nieuwe Werken wordt geschaard. Ook wordt het concept ge- en misbruikt om flexibeler kantoorgebruik te rechtvaardigen. Dat dat, heel toevallig, ook leidt tot flexibeler, lees: kwantitatief beperktere, kantoorinrichting, is mooi meegenomen in deze tijden van economisch zwaar weer.

Het Nieuwe Werken is echter iets heel anders.

Niet dat ik pretendeer dé of een definitie te hebben van Het Nieuwe Werken, wil ik wel een poging wagen de geest ervan te benoemen. Die zou wat mij betreft moeten zijn dat niet het wérken centraal staat, maar de atmosfeer, de cultuur, de omgeving. Het Nieuwe Werken is werken in een veilige omgeving. Die omgeving voelt als thuis, net zo veilig en net zo flexibel. Dát is Het Nieuwe Werken: je thuisvoelen.

Thuis is vooral een kwestie van geborgenheid. Dat is een kernbegrip in het Nieuwe Denken, zoals ik dat maar ven noem. Onder verschillende namen en in verschillende gedaanten en variaties zie je het terug: in de idee van een <em>tribe</em>, in de nieuwe organisatievormen, in verdienmodellen op basis van 'geven, en later innen', in begrippen als gunfactor.

Dat is wat veel ondernemers die 'aan Het Nieuwe Werken beginnen' niet snappen. Het Nieuwe Werken is geen kunstje met laptops, mobiele telefoons of thuiswerkplekken. Het Nieuwe Werken is ontastbaar.

Het Nieuwe Werken is niet ontstaan binnen grote, bestaande bedrijven. De eerste aanzetten komen heel ergens anders vandaan; uit de wereld van de kleine, beginnende bedrijven. De ondernemers die, niet per sé zelf gekózen, samenhokten en later huisvesting vonden in omgevingen als Seats2Meet. Dát is het begin: mensen die hun eigen ding deden, maar ook aanspraak zochten. Die gelijkgestemden klonterden in nieuwe vormen van bedrijfsvoering.

Voor mij is er ook reden aan te nemen dat grote bedrijven niet aan Het Nieuwe Werken kúnnen doen anders dan de cosmetische versie. Kom maar op. Eén van de problemen waar grote bedrijven mee worstelen, is nu juist die samenhangende cultuur, is nu juist (het ontbreken van) geborgenheid. Hoe identificeer je je met een werkgever die slechts een losvaste relatie met jou heeft? Vergis je niet: dát is wel een verschil met (ooit) bijvoorbeeld PTT. Dat bedrijf had een levenslange relatie met personeel en personeel vond zichzelf lid van de postfamilie.

In een groot bedrijf één samenhangende cultuur bewerkstelligen eist nogal wat. Een gemiddeld bedrijf gaat niet doen wat bijvoorbeeld Apple doet: hoe je het wendt of keert een stevig gesloten (angst)cultuur scheppen. Het Nieuwe Werken maakt iets anders noodzakelijk: een huiselijke sfeer bijna. Dat betekent dat werk en privé minder strikt zijn gescheiden. Dat is niet hetzelfde als de geslepen directeur die slinks meer arbeidsuren te krijgen door te stellen "dat we hier geen negen tot vijf-mentaliteit hebben". De kans is groot dat dat gewoon ouderwetse uitbuiting is. In Het Nieuwe Werken is er oprechte interesse.

Gaat Het Nieuwe Werken het redden? Da's dus een heel lastige.

In de meeste bedrijven is het inmiddels al zo gedevalueerd tot synoniem voor slechtere arbeidsomstandigheden en klassiek thuiswerken dat de kansen op cultuuraanpassing gering zijn. Die kansen zijn er wel bij de startende ondernemers: de eenpersoons tot max. vijfpersoons bedrijven om de schaalgrootte te bepalen. Maar veel essentiëler is de opstelling van íedereen in die onderneming. Het Nieuwe Werken lukt alleen als iedereen ook het idee heeft volwaardig deel te nemen. Ik geloof er niets van dat de huidige generatie leidinggevende daartoe in staat is. Ook van de nieuwe ondernemers zal een deel door de mand vallen als het bedrijf groeit: dan ontpopt zich de klassieke directieve directeur.

Maar zolang we onze startende ondernemers koesteren - zeker de idealistische - is er hoop op verandering. Die tegenkracht is alleen maar positief.

In afwachting van die ontwikkelingen moeten we maar accepteren dat Het Nieuwe Werken devalueert en dat met name overheden nog steeds denken dat 'programma's' en 'plannen van (huisvestings)eisen' zoden aan de dijk zetten. Dat doen ze níet!