Posts tonen met het label stadslab. Alle posts tonen
Posts tonen met het label stadslab. Alle posts tonen

vrijdag 21 juni 2013

Een Stadslab: wat is dat eigenlijk?

De naam is nog steeds ijzersterk. Toen ik die - ik denk ruim drie jaar geleden - voor het eerst hoorde, was de allereerst reactie: "Dáár wil ik bij horen". Als je die reactie losmaakt, zit je wel goed. Met de naam.

Stadslab.

Het bekt nog steeds lekker. En het associeert nog steeds sterk met experimenten met de stad. Voor iedereen die dol is op experimenteren of vooruit wil met een stad, een plek om te zijn. Het is dan ook niet opzienbarend dat zoiets mensen aanspreekt. Over zijn of haar omgeving heeft iedereen wel ideeën. Niet dat die allemaal parallel of synchroon lopen. Ik heb dat wel meer betoogd: belangen en interesses conflicteren vaker wél dan niet. Dat hoeft geen ramp te zijn - práten en geven-en-nemen werken echt - maar overschat eenheid suggereren niet.

Stadslab is een vreemde organisatie.

Ze laat zich graag voorstaan om haar open karakter, maar heeft wel een bestuur en balloteert ideeën. Dat lijkt een obligate opmerking en kritiek die je op alle organisaties kunt uiten. Klopt. Maar er is meer.
Als je (de zeggenschap over) de omgeving aan de bewoners wilt geven, moet je dat ook dóen. Dat heeft een naam: place making. De essentie daarvan is niet eens buurtbehéér, maar de idee dat bewoners het best weten wat goed is voor hen en hun buurt. Daar zit een onvermijdelijke spanning tussen dé stad en de buurten. Waar de buurten haast organisch zouden moeten (kunnen) zijn, vereist de schaal en functie van de stad sturing. Stadslab heeft stedelijke ambities en staat dan ook verder van dé burgers af dan ze wellicht wil. Dat de leden afkomstig zijn uit de stad, betekent nog niet dat het draagvlak stadsbreed is.

Moet je zoiets als Stadslab dus niet waarderen?
Maar natuurlijk wel. Zonder was er heel zeker één platform minder geweest voor mensen om elkaar te ontmoeten. Was er minder energie vrijgemaakt in de stad.

Anderzijds moet je ook realistisch kijken. Twee jaar geleden, verleden jaar en dit jaar was ik bij de jaarlijkse zomerreceptie van Stadslab: Stadszomernachtdroom - wéér zo'n prima naam!. Drie keer op rij en heel langzaam lijkt de kaars uit te gaan. Lijkt. In mijn ogen.

Meer en meer overheerst vorm boven inhoud. Of is het zo dat de aanvoer van nieuwe inhoud minder is? Met die vorm zit het namelijk wel snor. Dat er een grote voorliefde is voor goede, effectieve en vooral ook mooie vormgeving, straalt van alles af.

Drie jaar geleden was er een overzicht van projecten en wat ermee gebeurde, in een immens transformatorhuis. Dit jaar in een echt theater, met een show. Wat weg was, was het overzicht van nieuwe projecten en standen van zaken. Wat kwam, is een overzicht van meningen van Stadslab over dé stad. Onze geluksindex, onze eerste indruk als stad op de toerist. Dé oplossing voor het meeuwenprobleem - zie erg leuke filmpje.

http://www.youtube.com/watch?v=-p4NLejDTwM&feature=youtube_gdata_player

Het tekenendst is wellicht de brochure Tussenstand juni 2013.
Het eerste wat je ziet als je die openslaat, is 'Waar sprak Stadslab?". Ja, hallo zeg. Daarmee plaatst Stadslab als organisátie zich voorop. Het is echt een mooi vouwblad geworden - serieus - maar er staan vooral al jaren lopende initiatieven in. En tot mijn enorme verrassing The Community Lover's Guide, waarvan de Leidse start op 18 maart 2013 was. Toen echt nog zónder Stadslab, maar in het kader van GroenIdeeCafé.

Een stad van ons allemaal: dat moet het zijn. Da's lastig. Ik zal de laatste zijn om dat te ontkennen. Keuzes maken, is dan altijd jezelf kwetsbaar maken. Goed doe je het nooit. Maar open en eerlijk kiezen, is al een belangrijke stap. Je bewust zijn van de o zo menselijke neiging gelijkgestemden te prefereren.

Ik blijf voorlopig nog fan van Stadslab.

Het enige wat ik écht hoop, is dat Stadslab open is voor alle Leidenaars en alle ideeën. Zonder dat het de bedoeling is of was en zonder dat het wordt opgemerkt, is het Stadslab inmiddels toch een vehikel geworden voor een inner circle. Dan moet je je toch afvragen hoe groot je draagvlak écht is. Hoe je al die hopelijk bestaande nieuwe projecten onder de aandacht van heel Leiden brengt. Je niet verweren met 'dat is heilloos, want niet iedereen is geïnteresseerd in de stad'. Oppassen dat de naam de lading niet meer dekt.

Toch?!

vrijdag 24 mei 2013

Raamsteeg2: wéér kunst en wetenschap?!

Je zou er haast een beeld bij krijgen van een netjes geordende wereld; die uit de jaren vijftig. Halverwege is mijn leven begonnen.

Het aardige is dat ook ik heb geleerd dat die periode er een is van verzuiling en van een machtig maatschappelijk middenveld. Een periode ook waarin keuzes werden voorgekookt door het bestaan van die zuilen. In één van mijn studieboeken, herinner ik me, staat het voorbeeld van het bestaan van diverse geitenfokverenigingen in één gemeente, op geloofsgrondslag. Of het voorbeeld van de katholieken die bij de katholieke bakker kochten. Daarvan is het onderwijs nog over; met de vreemde titel 'bijzonder onderwijs' hebben we artefacten als protestants-christelijke scholen. In het sectarisch spectrum komen daar de 'vrije scholen' en de Jenaplannen cum suis nog bij. De verzuiling is helemaal niet voorbij. Ze is verfijnder geworden.

Als ik in mijn herinnering probeer te graven, is er in het dagelijks leven in de jaren zestig niet veel te merken van die scheidslijnen. De krachtigste was die katholieke kerk. Ik zat op een katholieke jongensschool. Mijn jongere broer eveneens, en ons zusje zat aan de overkant van de straat op de katholieke meisjesschool. Wij hadden meesters. Zij nonnen. Ellendig werd het voor mijn jongste broer: die is van de eerste generatie jongens die naar de meisjesschool aan de overkant moest. Ik vermoed dat veel mensen zich niet kunnen voorstellen hoe dat was.

gaper

Maar op straat, in het dagelijks leven was die scheiding al aan het verdwijnen; of wellicht zelfs nooit zo scherp zichtbaar geweest. We gingen naar de winkels op de Lindelaan: een De Gruyter, Paagman - de boekhandelaar -, een groenteboer - met een aardappelschilmachine - en een apotheker. Die had aan de gevel nog zo'n kop met uitgestoken tong waarop een tablet lag: de gaper. Een reliek uit een verleden, maar verdomd handig om snel een apotheker te herkennen. Ik heb, eerlijk gezegd, nooit het idee gehad dat we sommige winkels bewust meden of juist gebruikten.

Mijn hele leven heb ik een aversie tegen die verhokkingsmentaliteit. Hoe je het wendt of keert; het zijn selectiemechanismen. Hokjes zorgen voor een 'wij'-'zij'situatie, voor buitengeslotenen. Als je het verkeerd doet, zelfs tot superioriteitsdenken van de ingeslotenen. Bijzonder onderwijs gaat vaak helemaal niet over de kwaliteit van onderwijs - dat wordt er met de haren bijgesleept - maar over hokjesdenken. Een dogma wordt leidend.

Jezelf ontwikkelen, je eigen voor- en afkeuren, sterke en zwakke punten ontdekken vereist de mógelijkheid die te ontdekken. Gesloten groepen doen dat niet. Die bevestigen. Het verbaast me niets dat we inmiddels tot de ontdekking zijn gekomen dat de produktiefste - in de betekenis van creëren - groepen, die groepen zijn die gemêleerd zijn en waarin de leider niet dominant is. Anders gezegd: veel verschillende meningen en karakters die elkaar in hun waarde laten. Voor dat 'laten' moet waarschijnlijk ook staan 'durven en kunnen', want veel teams zijn daartoe niet in staat. Ze volgen het dominantste geluid; net als de richtinggeving tijdens de verzuiling.

raamsteeg2

In Leiden staat een gebouw dat me hier erg aan doet denken. Toevallig ook vanwege zijn vorm: een bakstenen kolos in een straat die daardoor helemaal wordt gedomineerd. Maar wel een mooi gebouw. En min of meer leeg; of beter: passief. Binnen bevindt zich een museale opslag - het is het oer-Naturalis - en dat was het dan zo ongeveer. Doodzonde, natuurlijk.

Maar wat gebeurt er dan? Er komt heel interessant initiatief in: Raamsteeg2. Een club die zich richt op de crossover van ´kunst en wetenschap of reflectie daarop'. Nu heeft dat wel mijn interesse, dus mij trekt het wel. Maar tegelijk realiseer ik me dat dit het zoveelste 'kunst en wetenschap'-initiatief is. We worden er haast mee doodgegooid. Alsof er geen ander Leiden bestaat. Alsof alleen dat wat past in een concept relevant is.

Vanochtend zat ik wat te mijmeren en dacht: 'Wat zou het mooi zijn als Leiden - in casu Naturalis - in Raamsteeg2 bijvoorbeeld ook een biljartclub, een klaverjasclub, koersballers en leesclubs toelaat. Mensen die die hobby beoefenen en die, haast nonchalant, in aanraking komen met kunst, wetenschap of biologie. Iets wat zij wellicht anders minder snel zouden doen. Verleiden, dus". Want inmiddels is het hokjesdenken alweer aardig de kop aan het opsteken in Leiden, waardoor er groepen in- en uitgesloten worden: ook als het verhaal is 'dat iedereen kan aansluiten'. Ja, als je pást in de cultuur. Maar een ontmoeting van cultuuruitingen?!

Dát zou echt crossover zijn.