Posts tonen met het label impliciet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label impliciet. Alle posts tonen

zondag 23 juni 2013

Het verraad van taal

Dit kun je helemaal verkeerd doen. Dan ontaardt het in achterdocht, sikkeneuren en samenzweringstheorieën. Maar met mate - zoals álles met mate zou moeten - is het een vaardigheid die best wel handig is. En ook wel leuk om te doen. Ik heb het over je taalgebruik en wat dat verraadt, kán verraden.

Wat bedóelt de auteur eigenlijk te zeggen, is een goede start. Het is helemaal niet vanzelfsprekend dat teksten ook letterlijk genomen moeten worden. Da's best wel lastig. En verwarrend. Zeker ook in een wereld waarin we, laat ik zeggen, creatief met taal moeten omgaan.

Wat mij betreft geen taalpolitie, maar wel gevoeligheid voor taal in de gaten houden. Da's een kwestie van goed luisteren en goed lezen. Bij mij gebeurt het dan vanzelf, dat je ineens een zin leest en denkt 'wacht eens...'. Hieronder drie voorbeeldjes waar het mij overkwam. Die van Wouter Bos is wellicht de riskantste close reading. Een mooie, vind ik, is die waarin statistiek wordt gebruikt. Dan zou je standaardreactie moeten zijn: langzaam lezen en liefst twéé keer lezen. Dit is zo'n artikel:

20130623-132154.jpg

Dat we iets moeten doen aan de graaicultuur, daar zijn de meesten - die weinig hebben - wel van doordrongen. Ook ik vind dat niet iedereen per sé precies hetzelfde moet verdienen - alhoewel dat wél je motivatie aangeeft - maar er moet een zekere bandbreedte zijn. Met uitzondering van persoonlijk risico lopende ondernemers zijn al die 'ondernemers' in loondienst dus wel gewoon ook in loondienst. Een bandbreedte vaststellen lijkt mij dan noodzakelijk.

Precies daarover gaat dit. Want wat ís die bandbreedte? De meeste mensen denken dan aan het verschil tussen hoogste en laagste inkomen. Toch?
En precies dat blijft onduidelijk. De 'loonkloof' hangt aan één kant gewoon in de lucht. De topman, de best betaalde in een bedrijf, is aanwijsbaar. Goed, dan heb je al die extra's en voordeeltjes nog steeds niet in beeld. Maar goed. De lol zit aan de overkant van de kloof. Want dat is feitelijk de minst betaalde werknemer. Dát zou de loonkloof moeten zijn. Maar het wordt de best betaalde een stuk prettiger gemaakt door iets anders te kiezen. In het artikel heten zij: 'doorsneewerknemer' en 'gemiddelde werknemer'.

Dat betekent dat de overkant van de loonkloof helemaal nóóit in beeld komt. Het gemiddelde ligt toch ergens in het midden? Nou, ríchting het midden. Dat klopt. Maar er is een groot verschil mogelijk tussen modus en mediaan. Is die 'doorsneewerknemer' degene waarvan er het meest zijn in het bedrijf? Of wordt gedoeld op het totale salaris gedeeld door het aantal werknemers?

Één ding is zeker: de hier gepresenteerde cijfers voor de loonkloof weerspiegelen níet de loonkloof tussen hoogste en laagste inkomen in die bedrijven. Dit is in hoge mate geflatteerd.

Het leuke is dat woorden en zinnen veel verraden.

In diezelfde krant staat een interview met Wouter Bos over die bestuursvoorzitter wordt van het geplaagde VUmc. Interessant vond ik zijn woordkeuze over de longchirurgie daar (de namen heb ik weg gelaten):
het gaat er nu om dat de heren (...) gewoon hun werk kunnen doen (...)

Er staat 'kunnen'. Zó gebruikt is 'kunnen' dienstbaar, faciliterend. Daarmee is een duidelijke positie ingenomen.

Minder subtiel ligt het in Leiden. Daar is de iedere vijf jaar terugkerende stoelendans voorbij welke omroep zich de 'publieke lokale omroep' kan noemen. Dat is ondermeer een zaak van representatieve vertegenwoordiging en van gemeentelijk advies. In Leiden e.o. is dat Unity FM/TV gebleven. Sleutelstad deed ook mee in die wedstrijd, maar werd het niet.

Het is verhelderend voor de posities van media - of journalisten - te zien hoe dat nieuws wordt gebracht. Zo zijn de pro-Sleutelstad media en medestanders consequent in het brengen van dit nieuws als dat "Unity FM/TV de helft van zijn zendergebied kwijtraakt'. Het feit dat Unity FM/TV Wat klopt, want in de duin- en bollenstreek bleek een andere omroep representatiever voor dat gebied en kozen de gemeenten daarvoor. Niet geheel onlogisch.
Wat opvalt, is dat het nieuws dat Unity FM/TV voor de komende vijf jaar weer de zendvergunning heeft, ondergeschikt is gemaakt. Een buitenstaander als ik leest dat als kinderachtige kinnesinne. Alsof het teveel moeite kost het verlies te accepteren. En vooral: dat het neutraal journalistiek werk scheiden van eigen mening en belang toch nog moeilijk is.

Dit alles is juist géén pleidooi om alle woorden op een goudschaaltje te wegen. Het zeggen en schrijven wat je voelt, is juist verhelderend. De lezer moet dan wel bedacht zijn op de tussen de regels verborgen boodschappen. Maar dat achter taal ongelooflijk veel verscholen gaat, is wel duidelijk.

zaterdag 25 mei 2013

De valkuil van beeldspraak

Taal is best wel een gebrekkig middel.

Ik wil iets wat ik míjn hoofd heb, aan jou overbrengen. Da's lastig, zeker als het over immateriële zaken gaat. Kijk, een brood kopen, gaat nog wel. Alhoewel: "ik wil dat brood" en dat aanwijzen, zegt nog niets over de tegenprestatie. Betalen? Hoeveel? De bakker de hersens inslaan?
Nou, probeer met woorden maar eens zoiets ontastbaars als 'een hogere macht' uit te tekenen. Niet voor niets dat er verschillende heilige boeken bestaan, in verschillende varianten en allemaal met heel veel woorden.

Nee, intermediaire media als gesproken of geschreven woord, als verbeelde bedoeling in toneel of beeldkunst, ze zijn allemaal suboptimaal vanwege de vertaling en interpretatie van gedachten. Wat dat betreft, zijn alle tele-'s interessant. Telekinese, telepathie - tele-visie niet, nee - zijn van die situaties waarin geen tussenliggend medium nodig is en tussen twee mensen heel direct en puur emoties worden uitgewisseld. Maar die mogelijkheden hebben we dus niet.

Dat taal lastig is, heb ook jij vast wel meegemaakt. Van die situaties waarin iemand jouw woorden verkeerd begrijpt, of helemaal níet begrijpt. Ruzies om niets. Hoe korter het talig lontje, hoe sneller de spraakverwarring. Flame wars zijn nooit voorbeelden van nuance geweest. Dat er leestekens en emoticons bestáán, is niet 'voor de lol'. Mensen die zich tegen het gebruik ervan verzetten, snappen ook werkelijk de ballen van communicatie. "Lul!" is echt iets heel anders dan "Lúl! :)" (of het iconisch "lullooh!").

Net als in de oertijd van de taal grijpen we in onze taaluitingen nog steeds terug op vergelijking, analogie en beeldspraak. Dat lijkt immers handig. Als je beiden, meent eenzelfde beeld van iets te hebben; daarop voortbouwen.

Nou, da's maar de vraag.

Eiegnlijk zou beeldspraak maar een hele korte levensduur moeten hebben: alleen voor die ene gelegenheid. Want die stomme dingen gaan een geheel eigen leven leiden.

"Voetbal is oorlog". Nou. Dat hebben we geweten. Miljoenen in de veiligheid geïnvesteerd.
"Laat de markt zijn werk doen". Een succes voor al die sectoren waar helemaal geen márkt bestaat in de klassieke betekenis van het woord.
"Een (geöliede) machine". Of het nu een organisatie of een mens is; hij reduceert tot losse onderdelen die samen méér dan de delen zijn, maar wel afzonderlijk 'gerepareerd' kunnen worden.
"De kurk waarop XXX drijft"; nee, dá's een gerustellend stevige drijver: een kúrk.

Voor taalmensen is dit allemaal niet nieuw. Voor grote delen van de samenleving wél. De feministes wezen er - terecht - op dat we impliciet nogal mannelijk denken. Dat wilden velen - mannen? - niet horen en weten. Het is waar, maar het kan ook doorslaan. Zo vind ik de ban op 'jodekoek' en 'negerzoen' te ver gaan. En een jaarlijkse discussie over Zwarte Piet óók.

Toch is het goed om er af en toe op te worden gewezen. Zeker als je op zoek bent naar nieuwe wegen.

Zo is het out of the box-denken volledig verhypet en verkracht. Hoezo moet je búiten de doos denken? Wélke doos? Echte innovatie vereist een open geest, binnen én buiten enige doos. Het kan best zo zijn dat vernieuwing binnen structuren kán, maar dat daarvoor barrières moeten worden genomen (barrière: daar heb je 'r weer één). Maar wat veel bedrijven en managers denken, is dat out of the box hetzelfde is als nieuwe markten vinden. Maar daarvoor hebben we de beeldspraak van de rode en de blauwe oceaan.

Betaalmuren zijn ook zoiets. Mediabedrijven die betaalmuren optrekken. Ik kan er niets aan doen, maar ik associeer ze dan onmiddellijk met de kasteelheren uit de middeleeuwen. Je weet wel, die heersers die ten onder gingen aan ondermeer de door de lucht vliegende kanonskogel terwijl zij waren voorbereid op grondaanvallen. Maar het geeft vast iets weer van je leef- en werkwereld als je die vergelijkingen hanteert: sterk defensief. Net zoiets als de dijken waardoor Nederland werd opgebouwd, maar die nu worden vervangen door een veel responsievere aanpak.

Wat ik wil zeggen: die vergelijkingen komen ergens uit voort én beïnvloeden je gedachten, je perspectief. Een metafoorkeuze verraadt dus (wellicht) veel meer dan je lief is.

Metaforen en vergelijkingen: een schat aan informatie.