De abonnees van dit blog merkten het al: geen posts de afgelopen dagen. De reden is niet een gebrek aan onderwerpen of een 'niet zo'n zin vandaag', maar een beroerte. Mijn hoogbejaarde moeder kreeg er acht, negen jaar na de eerste en een reeks TIA's weer een. Ze ligt nu in het ziekenhuis.
Er is best wel het een en ander op te merken rond zoiets. Bijvoorbeeld dat het ziekenhuis pas na een dag of twee erachter kwam dat ze staar heeft - en max. 20% ziet - en hardhorend is. Niet vreemd op je 94ste. Ik vraag me af of het ziekenhuis wist dat ze al min of meer halfzijdig verlamd was als gevolg van de eerste herseninfarct. Zij brachten dat als 'informatie': "Uw moeder is rechts volledig verlamd, heeft geen spraak en geen slikreflex.". De komende dagen worden dus spannend hoe ver zij zelf uit die diepe kuil omhoog kan komen.
De situatie is nogal slecht qua vooruitzicht. Als ze al hersteld, zal dat 'enigszins' zijn. Maar hoe enigszins is dat? Wat is dan de kwaliteit van leven? Plus dat de kans bestaat - groot is - dat ze een infectie oploopt. Die zal fataal kunnen zijn. Longontsteking is een bekende dooddoener, afmaker. Het klinkt cru, maar het is de realiteit nu: beroerde vooruitzichten.
(Overigens zijn er sinds een dag kleine tekenen van herstel. Ze lijkt wat bij te komen uit de diepe slaap en ietsje meer bewust te zijn van de omgeving; zowaar ons te herkennen. Een klein, klein stapje en nog lang niet voldoende)
Zo'n situatie confronteert je met een berg aan zaken, en dus discussie. Het is ook het moment dat ik me realiseerde dat het de vraag is wat patiëntvriendelijkheid en -gerichtheid eigenlijk inhouden. Maar vooral waarom dat iedere keer zonder vragen wordt gekoppeld aan de relatie patiënt-arts. Da's vreemd.
Mededogen, empathie, compassie: prachtige woorden, met een werkelijk belangrijke inhoud. In een ziekenhuis naast het bed van een werkelijk zwaar zieke realiseer je je dat het een mensenterm is, een sociale. Het is zeker niet iets wat exclusief is aan zorgprofessionals om meer empathie, mededogen of compassie te tonen. Het is evenzeer een aangelegenheid voor verwanten. Niet alleen de zorgverleners dienen zich bewust te zijn van hun dienstbaarheid aan de patiënt. Dat geldt ook familieleden. En dan blijkt dat het verdraaid lastig is om uit het belang van de patiënt te vertrekken en te redeneren in diens belang.
Wat ís dat belang? Net zoals de zorgverlener onnadenkend een eigen belang voorop dreigt te stellen en daardoor vergeet te luisteren, zo blijkt de verwante dat net zo te doen. De patiënt is in alle relaties de zwakste, de slechtst bedeelde en vooral: degene die object is geworden. Dat wordt het scherpst zichtbaar als moet worden besloten over behandeling of niet-behandeling. Hang je dan aan het leven? In wiens belang dan? Dat van jezelf om afscheid nemen uit te stellen? Of dat van de patiënt, die dan mogelijk een desolaat levenslandschap te wachten staat?
Ook familie moet anders denken.
Posts tonen met het label compassie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label compassie. Alle posts tonen
zaterdag 11 oktober 2014
zaterdag 12 oktober 2013
Upcoding: de patiënt eindelijk voorop
Enig idee hoe groot het probleem is waarvan Van Rijn vindt dat het "direct moet worden aangepakt"? Enig idee hoe vaak upcoding, want daarover heeft-i het, voorkomt? Enig idee waaróm het voorkomt?
De onthutsende conclusie moet eigenlijk zijn dat de heer Van Rijn een hele grote groep mensen criminaliseert. Je zou er haast demoniseert schrijven, als die term niet zo uitgehold was geraakt. Maar dat het een smerige stoot onder de gordel van zorgverleners is, valt duidelijk te maken.
Als je zorg nodig hebt, moet je die zorg hebben die op de oplossing van jouw probleem of aandoening is toegesneden.
In de somatische zorg is dat een probleem. Want de mogelijkheden om somatische aandoeningen - de 'echte' ziekten in het algemeen taalgebruik - te behandelen nemen met de technologische ontwikkeling toe. Medicijnen worden steeds beter, en duurder. Operatietechnieken worden steeds beter, en duurder. Protheses worden steeds beter, en duurder. In het algemeen beeld denken we nu dat 'de zorg' steeds duurder wordt en dat dat helemaal niet altijd in het belang van de patiënt is. Het zijn vooral de winsten van leveranciers die toenemen.
Er bestaat ook een soort zorg die minder in het oog springt, die minder de aandacht vraagt en ook niet krijgt. Dat is de langdurige zorg. Dat is de zorg voor mensen die afhankelijk zijn van zorg om te kunnen leven. Laat 'm tot je doordringen:
Je hebt het dus niet over mensen die voor enkele dagen worden opgenomen, die misschien bij hoge uitzondering voor een paar weken worden opgenomen, en dan thuis herstellen. Let wel: herstellen.
Dit gaat over mensen die ouderdomskwalen hebben en thuiszorg nodig hebben, die psychiatrische problemen hebben en níet zo maar zelfstandig in de maatschappij kunnen bestaan, die een chronische aandoening hebben en zonder hulp geen kant op kunnen. Dit gaat over mensen die zonder hulp niet overeind blijven.
Van een zorgverlener verwacht je dat-i die zorg voor je probeert te regelen die past bij jouw situatie. Je bent, als patiënt, overgeleverd aan de mogelijkheden die je worden gebóden; niet aan de mogelijkheden die jij vráágt of nódig hebt. Da's meer dan een detail, meer dan een woordspel. Da's een essentieel verschil.
Iemand anders bepaalt wat jij nodig hebt.
Wat me mateloos stoort in de houding van Van Rijn en zijn lakeien - journalisten bijvoorbeeld - is het asociale, zuiver technocratische karakter. Er zit geen greintje medemenselijkheid in. Er zit geen enkele poging tot begrip in.
Stel: je bent een psychiatrische inrichting. Dag in dag uit is het zoeken naar de balans tussen zorgkwaliteit en kosten. Je hebt al talloze vrijwilligers in kunnen schakelen. Goddank. Je hebt al het maximale van je medewerkers gevraagd. Geregeld bedenk je je dat je blij mag zijn te werken in een sector waarin mensen uit overtúiging werken, waarin 'zoveel mogelijk verdienen' geen motto is, waar greed is good niet past.
Meneer Van Rijn, dat upcoding is niet anders dan een poging van zorgverleners om hun cliënten die zorg te blijven geven die ze nodig hebben en die de zorgverleners nodig achten. Het ís geen graaien in een pot. Het is in het belang van de ander. Dat heet medemenselijkheid.
Upcoding is frauduleus als het leidt tot hogere declaraties voor een niet-geleverde dienst. Dit gaat om hogere zórgindicaties opdat mensen zorg kunnen blíjven ontvangen. Omdat het nódig is.
Meneer Van Rijn demoniseert een hele sector, maakt ze zwart als 'mensen die zich niet aan regels houden'. Het gaat echter niet om regels; het gaat om tussentijds veranderde spelregels en vooral om geld. Van Rijn is zélf de kwade genius die deze beweging in gang zette.
Want dit is zijn basis:
Ja, dat staat er echt: driekwart klopt!
De onthutsende conclusie moet eigenlijk zijn dat de heer Van Rijn een hele grote groep mensen criminaliseert. Je zou er haast demoniseert schrijven, als die term niet zo uitgehold was geraakt. Maar dat het een smerige stoot onder de gordel van zorgverleners is, valt duidelijk te maken.
Als je zorg nodig hebt, moet je die zorg hebben die op de oplossing van jouw probleem of aandoening is toegesneden.
In de somatische zorg is dat een probleem. Want de mogelijkheden om somatische aandoeningen - de 'echte' ziekten in het algemeen taalgebruik - te behandelen nemen met de technologische ontwikkeling toe. Medicijnen worden steeds beter, en duurder. Operatietechnieken worden steeds beter, en duurder. Protheses worden steeds beter, en duurder. In het algemeen beeld denken we nu dat 'de zorg' steeds duurder wordt en dat dat helemaal niet altijd in het belang van de patiënt is. Het zijn vooral de winsten van leveranciers die toenemen.
Er bestaat ook een soort zorg die minder in het oog springt, die minder de aandacht vraagt en ook niet krijgt. Dat is de langdurige zorg. Dat is de zorg voor mensen die afhankelijk zijn van zorg om te kunnen leven. Laat 'm tot je doordringen:
Dat is de zorg voor mensen die afhankelijk zijn van zorg om te kunnen leven.
Je hebt het dus niet over mensen die voor enkele dagen worden opgenomen, die misschien bij hoge uitzondering voor een paar weken worden opgenomen, en dan thuis herstellen. Let wel: herstellen.
Dit gaat over mensen die ouderdomskwalen hebben en thuiszorg nodig hebben, die psychiatrische problemen hebben en níet zo maar zelfstandig in de maatschappij kunnen bestaan, die een chronische aandoening hebben en zonder hulp geen kant op kunnen. Dit gaat over mensen die zonder hulp niet overeind blijven.
Van een zorgverlener verwacht je dat-i die zorg voor je probeert te regelen die past bij jouw situatie. Je bent, als patiënt, overgeleverd aan de mogelijkheden die je worden gebóden; niet aan de mogelijkheden die jij vráágt of nódig hebt. Da's meer dan een detail, meer dan een woordspel. Da's een essentieel verschil.
Iemand anders bepaalt wat jij nodig hebt.
Wat me mateloos stoort in de houding van Van Rijn en zijn lakeien - journalisten bijvoorbeeld - is het asociale, zuiver technocratische karakter. Er zit geen greintje medemenselijkheid in. Er zit geen enkele poging tot begrip in.
Stel: je bent een psychiatrische inrichting. Dag in dag uit is het zoeken naar de balans tussen zorgkwaliteit en kosten. Je hebt al talloze vrijwilligers in kunnen schakelen. Goddank. Je hebt al het maximale van je medewerkers gevraagd. Geregeld bedenk je je dat je blij mag zijn te werken in een sector waarin mensen uit overtúiging werken, waarin 'zoveel mogelijk verdienen' geen motto is, waar greed is good niet past.
Meneer Van Rijn, dat upcoding is niet anders dan een poging van zorgverleners om hun cliënten die zorg te blijven geven die ze nodig hebben en die de zorgverleners nodig achten. Het ís geen graaien in een pot. Het is in het belang van de ander. Dat heet medemenselijkheid.
Upcoding is frauduleus als het leidt tot hogere declaraties voor een niet-geleverde dienst. Dit gaat om hogere zórgindicaties opdat mensen zorg kunnen blíjven ontvangen. Omdat het nódig is.
Meneer Van Rijn demoniseert een hele sector, maakt ze zwart als 'mensen die zich niet aan regels houden'. Het gaat echter niet om regels; het gaat om tussentijds veranderde spelregels en vooral om geld. Van Rijn is zélf de kwade genius die deze beweging in gang zette.
Want dit is zijn basis:
Uit de rapportage blijkt dat in 23 procent (45 gevallen) van de 202 onderzochte gevallen sprake is van zwaardere zorg (of hogere zorgzwaartepakketten) dan het CIZ zou hebben vastgesteld: upcoding. In 4 procent is dat lager, in 73 procent was dat gelijk of met verwaarloosbaar verschil.
Ja, dat staat er echt: driekwart klopt!
Abonneren op:
Posts (Atom)