Posts tonen met het label structuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label structuur. Alle posts tonen

donderdag 17 april 2014

De ironie van Leiden

O, ironie. Die openingswoorden zijn te rechtvaardigen. De stad waarin ook ik woon, Leiden, is recent nog geportretteerd door de VPRO als stad waar interessante burgerinitiatieven zijn te vinden en burgerparticipatie een kans krijgt.

Vandaag meldde het lokale Leidsch Dagblad dit:
Maatschappelijk akkoord in Leiden: hard nodig of niet?

LEIDEN - De Leidse politiek moet een akkoord sluiten met maatschappelijke organisaties, bewoners, wijkvertegenwoordigers, ondernemers en het onderwijs. Dat stelt het Instituut Maatschappelijke Innovatie (IMI) voor. Fractievoorzitter Pieter Kos van GroenLinks Leiden kwam vorige week met dezelfde oproep.

Het idee stamt uit een van de ’brainstormsessies’ van het Stadslab. Het zou gaan om een papieren verklaring, waarin de gemeente en andere organisaties vastleggen dat ze gaan samenwerken aan verschillende onderwerpen.


Het is een prachtig voorbeeld van niet-burgerparticipatie, van gesloten systemen, van zo ongeveer het diametraal tegengestelde van wat de VPRO dacht te hebben gezien in Leiden.

In Leiden gebeurt hetzelfde als wat in tal van gemeenten gebeurt. De overheid(sdiensten) vinden het helemaal niet préttig rekening te moeten houden met burgerinitiatief. Veel handiger is het één aanspreek-orgaan te hebben. Dat betekent voor de burger-met-een-idee niets anders dan een extra drempel.

Leiden heeft zoiets als Stadslab. Dat is bij zijn oprichting een mooi ogend concept. Een netwerk van mensen in de stad die iets willen mét de stad. In de loop van de paar jaar dat Stadslab bestaat, wordt steeds duidelijker dat niet iedereen en niet ieder idee wordt omarmt. In het openbaar wordt het idee uit ge-vent dat Stadslab door 'de stad' wordt gedragen. Wie dieper graaft, ontdekt dat dat absoluut niet waar is.

Door de politiek en de ambtenaren wordt Stadslab omarmt. Waar het klassieke probleem van inspraak vooral de Poolse landdag is, biedt Stadslab de weg naar één gesprekspartner. In gesprekken met politici komt dat terug. Stadslab wordt te hooi en te gras aangehaald als hét voorbeeld van dé weg. Je hebt niet eens (veel) fantasie nodig om de marsroute te zien: er is een poortwachter bijgekomen, die moet worden gepasseerd voordat initiatieven serieus worden genomen (door de overheid). Uiteraard gaat dat nú luidruchtig worden weersproken.

Het is een vanuit de oude denkwijze (paradigma) volstrekt vanzelfsprekende lijn. Waar ooit de opbouwwerk- en welzijnsorganisaties namens de bewoners leken te spreken, komen nu nieuwe verbanden. Die willen overigens nadrukkelijk níet worden gekoppeld aan die instituties van toen, die markt van welzijn en geluk. Het is nu de markt van participatie en integratie. Nieuwe woorden voor precies hetzelfde: zelfbevestigende systemen.

Voordat het misverstand ontstaat: het gaat níet om de ideeën op zich. Het gaat om de organisatie en de vraag wat burgerparticipatie nu eigenlijk is. In mijn beleving is dat een participeren van allen die dat willen. Dat, op zijn beurt, vereist een zo open mogelijke toegang tot de verdelers (van geld, maar ook bijvoorbeeld van ruimte). Alleen zó wordt de burger en zijn ideeën serieus genomen. En, ja, dat betekent wérken voor de overheid, omdat zíj daarin zijn enige bestaansrecht vindt.

Burgerparticipatie is niet synoniem aan het (weer) creëren van een maatschappelijk middenveld aan organisaties. Organisaties die per definitie in de verleiding worden gebracht een erkend eigenbelang te hebben en verdedigen. Dat eigenbelang mogelijk zelfs te 'professionaliseren'; betaald werk er van te maken.

Leiden heeft de variant op het contrat social van Rousseau nog niet. Sterker, Rousseau heeft nooit een werkelijk contract voor ogen gehad. Zijn beeld was dat een 'overeenstemming' tussen overheid en volk over beider rollen en verantwoordelijkheden. Wat dat betreft, ben ik het volkomen eens met één van de Stadslab-oprichters Marije van den Berg:
Nodig elkaar gewoon uit om samen dilemma’s te verkennen. Beslissingen buiten de politiek zijn net zo goed legitiem, en zetten net zo goed dingen in gang, als een akkoord dat de politiek ondertekent.


Een maatschappelijk akkoord zoals men dat blijkbaar in Leiden ziet, is te letterlijk een ondertekend papier. Die aanpak zal leiden tot mínder directe participatie en tot meer 'macht' bij instituties. Het staat zo parmantig in het lijstje; 'bewoners'. Maar ondertussen wordt 'in hun belang en namens hen' het een en ander dichtgetimmerd en voorgekookt.

NB
Begin van de avond, nadat ik bovenstaande schreef. Het bestuursakkoord, eerste paragraaf. Trek je eigen conclusie (leestekens en woordkeuze zijn wél belangrijk):

Bestuursakkoord 2014 - 2018
Onderstaande partijen komen overeen:
Over de betrokkenheid van Leidenaren en inwoners van buurgemeenten
 de besluitvorming in college en raad zo in te richten dat (organisaties van) inwoners van Leiden vanaf de oorsprong invloed kunnen hebben op de planvorming van de gemeente;
 open te staan voor initiatieven uit de stad en deze initiatieven, indien gewenst, te ondersteunen en te faciliteren;
 in de komende maanden in overleg te treden met partijen in de stad die de afgelopen jaren initiatieven hebben ontplooid, om te bekijken
hoe de samenwerking met hen en anderen die initiatieven hebben nog beter vormgegeven kan worden;
 direct omliggende gemeenten te betrekken bij de voorbereiding van beleid dat de belangen van hun inwoners direct raakt;
 inwoners en partners in de stad zo veel mogelijk (door het college) te (laten) betrekken bij de uitvoering van gemeentelijke taken.

woensdag 18 september 2013

Afhankelijken ontwikkelingsfonds

Laat ik maar meteen toegeven dat de naam verschrikkelijk is: Afhankelijken Ontwikkelingsfonds. Mocht je, nadat je deze blogpost las, een betere hebben... zet hem in de Reacties.

Wéér een fonds? Jan, die een structuurwijziging voorstelt, terwijl-i altijd beweert daarvan geen heil te verwachten? Die vindt dat we met z'n allen een cultuurverandering, een paradigmawisseling, een denkraam-omslag (zouden moeten) doormaken?

Ja. Want soms moet ook ik toch echt bij de oude wereld, het oude denken aansluiten. Nu dus.

Alles begint bij de idee dat iedereen zijn bijdrage moet leveren aan de samenleving. Dat heet sinds gisteren een participatiesamenleving: door onszelf op te sluiten in kantoren en bedrijven participeren we. Tuurlijk.

Degenen die die gedachte aanhangen, wil ik iets voorhouden. Een volgens mij geheel logisch gevolg van hun idee dat iedereen moet bijdragen door middel van werk.

Nederland heeft een groeiend aantal uitkeringsafhankelijken. De ene keer komt het uit die werklozen te noemen; een andere keer bijstandstrekkers. Dat zijn héél verschillende categorieën, maar soit.... ze krijgen een uitkering, werken niet en móeten dat dus wel. Dat is de basisredenering toch? Dat je voor een uitkering iets moet doen, voor 'de maatschappij'.

Welnu, op het moment dat dat zo is, is de uitkeringsinstantie feitelijk werkgever, lijkt me zo. Dan is er sprake van een dienstbetrekking. De basis daarvoor bestaat uit drie elementen (en daar bovenop een ongelooflijke janboel aan jurisprudentie):
1. Er is sprake van het verrichten van persoonlijke arbeid (door de werknemer).
2. Het betalen van arbeidsloon (door de werkgever).
3. Er moet sprake zijn van een gezagsverhouding (tussen de werknemer en werkgever).

Los van de vraag of je wilt, erkent of goed- of afkeurt; stel dat het klopt: een uitkeringsgerechtigde is door de arbeidsplicht een nieuw soort werknemer geworden. Dan heeft de werkgever ook verantwoordelijkheden.

Uitkeringen zijn in Nederland niet dodelijk laag, maar evenmin riant. Je kunt er van leven, zij het dat een langere uitkeringsafhankelijkheid vaak ook een 'nét aan' leven betekent. Bezuinigen, beknibbelen, knijpen: werkwoorden die de situatie goed beschrijven. Overigens, 'huis verkopen', 'huisuizetting' en 'schuldopbouw' zijn ook populaire, veel voorkomende termen in die wereld.

Daar waar schraalhans keukenmeester is, is geen financiële ruimte. Daar komt die uitkeringswerkgever om de hoek.

Van - zeker díe - werkgever verwacht ik dan eigenlijk ook een opleidingsbudget voor z'n werknemers. Zeker voor deze financieel zeer knijp zittende groepen zou dat een heel realistische optie zijn:

een ondersteunend fonds, waar men kosten kan declareren voor het zoeken naar werk

De OVreiskosten naar een netwerkgesprek, de kosten voor het bijwonen van een symposium of congres, de kosten voor het volgen van een cursus, de kosten om te 'netwerken': kosten om de kansen op de arbeidsmarkt te vergroten, om werk te vinden. want veel van die kosten zijn voor een krappe beurs stomweg 'luxe' en dus een belemmering op weg naar werk. Terwijl een gemiddelde Nederlandse werknemer, en zelfstandige, daarvoor middelen ter beschikking heeft vanuit bedrijfsvoering.

Waarom zou die voorziening - goed: inclusief uitvoeringsregels - er niet moeten zijn voor uitkeringsafhankelijken? Júist voor hen!

Als we willen dat iedereen, die dat kán, participeert, dan is het ook vanzelfsprekend daarvoor condities te scheppen. Dit is er een. Er is niet eens een waanzinnig bedrag voor nodig. Maar het haalt wél de fixatie op 'hoe haal ik de eind van de maand' weg en opent de weg naar nieuwe wegen zoeken.

Een vreemd idee? Ik denk van niet, omdat het tracht benoemde blokkades op te heffen. Maar het zóu kunnen dat je vindt dat het ieders eigen stomme schuld is, dat afgunst en wraak jouw mening bepalen.