In de loop van de dag slaat sloomheid toe. Dat zal vast een suikerdip zijn als gevolg van het middagmaal. In elk geval is het wel het moment dat ik wegsukkel. Omdat siësta's hier (nog) niet tot het standaardrepertoire horen, zakt mijn intellectuele interesse tot een soms banaal niveau. Dan scharrel ik wat rond in de varkensstal van GeenStijl of 'blader' wat in digitale 'tijdschriften'.
GeenStijl levert al maanden niet echt leuk nieuws op. De tijd dat het de Pietje Bells waren, samen met ReteCool bijvoorbeeld, is al lang historie. Grosso modo is het trucje nu wel duidelijk (en uitgewerkt): hard schreeuwen tegen alles en iedereen. Hagenaars waren daar ook zo goed in; een enorme grote muil vol met verbaal indrukwekkend geweld. Maar eem klein hartje. Meer van het soort 'blaffende honden bijten niet'. Het lijkt ook alsof GeenStijl minder vanzelfsprekend z'n reaguurders meekrijgt. De reactiekolom bevat ook serieuze kritiek op de scribenten.
De digitale tijdschriften - zot dat ik dat woord gebruik. Er had al een nieuwe, eigen vorm moeten bestaan - zijn voor die suffe dagperiode vaak weer té serieus.
Lichtvoetig nieuws, dat is wat ik dan even zoek. Dit soort, dus: Dogs might poop in line with the Earth's magnetic field.
Als ik eerlijk antwoord moet geven, twijfel ik ten zeerste aan het gehalte van deze conclusie. Wij hadden thuis honden, reuen. Inderdaad kunnen die jongens nogal lang bezig zijn met rondjes draaien om de juiste poeppositie te vinden. Ik heb dat zelf altijd gezien als of met de zeer reukgevoelige neus bóven de wind zien te komen of doordraaien totdat de keutel er uit komt. Nooit of te nimmer heb ik stilgestaan bij het aardmagnetisch veld, of de sterren om iets geheel anders te noemen. Poepen, zo dacht ik, is een basale activiteit.
Sinds ik het huis uit ben, hebben we katten. Die blijken ook rondjes te draaien. En, net als de honden, ook als ze hun ideale slaappositie zoeken. Van dat aardmagnetisch afstemmen geloof ik kortom bar weinig.
Dat neemt niet weg dat je in het artikel een hyperlink aantreft naar een ander, goed, artikel. TIME schreef in 2011 Can Humans Actually Sense the Earth’s Magnetic Field?
Het gaat over cryptochrome, een proteïne in onze ogen. Een stof ook, die door fruitvliegjes wordt gebruikt om zich te oriënteren. Alhoewel het maar zeer de vraag is of wij mensen dat oriëntatietrucje ook kunnen of ooit hebben gekund, is het wel een interessante vraag:
wat kúnnen we eigenlijk en vooral ook: wat hebben we ooit gekund en zijn we kwijtgeraakt?
Het zijn stapjes en niet bedoeld om uit te zoeken of de goden kosmonauten waren en wij wellicht experimenten van hen. Evenmin gaat het ons ooit lukken 'de mens' volledig te begrijpen. Al die duizenden jaren evolutie hebben wijzigingen opgeleverd; ongedocumenteerde wijzigingen. In het kader daarvan is zo'n onderzoek naar de aardmagnetische oriëntatie van poepende honden zowaar nog zinvol ook.
Voor mij is het weer een argumentje om te menen dat we nog maar een fractie weten van onszelf en van onze drijfveren. Dat we ons eigenlijk zouden moeten baseren op onkunde en op onvoorspelbaarheid die daartuit voortvloeit.
Posts tonen met het label oriëntatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label oriëntatie. Alle posts tonen
vrijdag 3 januari 2014
vrijdag 2 augustus 2013
5 min. à gauche
Vijf minuten. Wat zijn 5 minuten nu helemaal? Niet veel toch? Toch zijn ze in staat je in een staat van opwinding te brengen.
Eén van de effecten van in Nederland wonen, is dat je meent dat altijd alles dichtbij is en is geregeld. Zeker sinds we naar internationaal voorbeeld de winkeltijden hebben verruimd, hoef je je over een heleboel zaken geen zorgen meer te maken. Niet dat het allemaal goed gaat, hoor. In Leiden bijvoorbeeld is men van plan de nachtwinkels de nek om te draaien casu quo te laten uitsterven. Er komen geen nieuwe vergunningen.
En - een aparte alinea waard - 'ze', daar in Den Haag, breken wel angstwekkend voortvarend die voorzieningenstructuur af. Het zorgstwekkend daarin vind ik nog de afbraak van de zorg onder het mom dat er geld wordt verspild en alles onbetaalbaar wordt. Ooit was ik jaloers op de Britse National Health, nadat we er een keer gebruik van moesten maken in een vakantie. Wat is dat enorm rustgevend en handig: een systeem dat open en bereikbaar is, waar je je níet eerst druk moet maken over je verzekeringsdekking. En wat doen de idioten hier? Die breken af, maken onbereikbaarder en ongetwijfeld als systeem niet goedkoper.
Dat gemak van 'alles om de hoek' is in vele buitenlanden niet zo vanzelfsprekend (waarbij je nóóit mag vergeten dat onze schaalgrootte anders is, kleiner). En dus is tijdens de vakantie één van de allereerste dingen die moet gebeuren, uitzoeken hoe we aan brood komen en waar de supermarkt is. Nu ik dit tik, realiseer ik me dat we nooit zonder aanleiding hebben gezocht naar de plaatselijke huisarts, tandarts of het ziekenhuis. De supermarkt; díe wel.
Het broodprobleem is meestal heel snel opgelost. Bijna altijd loopt dat via een campingreceptie, mits je dus op een camoing verblijft. De supermarkt is echter van een geheel andere orde.
Alle jaren dat we in Frankrijk onze vakantie doorbrachten, hebben we ons verbaasd over onze onmogelijkheid de Franse manier van denken te doorgronden. In een latere blogpost zal ik er nog een voorbeeld van geven.
Buitenlandse supermarkten hebben op mij aantrekkingskracht. Ik moet er altijd even kijken of ze niet toevallig 'iets speciaals' verkopen. Vorig jaar was dat bijvoorbeeld haaievlees bij de visafdeling. Maar het wordt minder: net als het winkelcentrum uniformeert het assortiment. Zo gaat de lol er wel een beetje af, want de plaatselijke winkels en markten leggen - net als hier - het loodje tegen de giganten. Maar goed, ik bedonder mezelf graag en zoek dus nog steeds naar 'dat speciale'.
Als je dan een bord ziet met de aankondiging dat er een 'hypermarché' in de buurt is, dan ga ik voor de bijl. Die móet ik even in. Welk concern het was, weet ik niet meer.
We vonden de weidewinkel nooit.
Op het bord stond "5 mins à gauche". Eén lange doorlopende weg waar de hypersupermarkt dus na vijf minuten aan onze linkerhand zou opdoemen. Niks van. Na zes en na zeven minuten ook niet. Nooit niet. We zijn dus weer teruggekeerd op onze schreden en hebben netjes de aanwijzingen van mevrouw Navigon gevolgd terug naar de camping.
Dat is dus echt een frustratie van mij: op basis van die borden langs Franse wegen lukt het me nooit een supermarkt te vinden. Vijf minuten rijden?! Hoe snel dan?! Hoe ver is dat dan ongeveer?! Of van die lekker duidelijke "xx minuten op de weg naar Y". Dan mag je nog blij zijn als Y een beetje dórp is. Want die weg vinden, is al een crime.
Van A naar B reizen, is ook cultureel bepaald. Onze afbraakleiders vergeten dat systematisch.
Het voorbeeld van die supermarkt is niet zonder betekenis. Het weerspiegelt een manier van denken die is gebaseerd op autobewegingen. In een land waar de auto min of meer standaardvervoer is, is dat ook vrij logisch. Dan kan een ziekenhuis ook best ietsje verder weg liggen. Maar niet als je OV tot speerpunt maakt. Dan heb je je voorzieningen 'om de hoek' nodig.
Zo moeilijk is dat toch niet?
Eén van de effecten van in Nederland wonen, is dat je meent dat altijd alles dichtbij is en is geregeld. Zeker sinds we naar internationaal voorbeeld de winkeltijden hebben verruimd, hoef je je over een heleboel zaken geen zorgen meer te maken. Niet dat het allemaal goed gaat, hoor. In Leiden bijvoorbeeld is men van plan de nachtwinkels de nek om te draaien casu quo te laten uitsterven. Er komen geen nieuwe vergunningen.
En - een aparte alinea waard - 'ze', daar in Den Haag, breken wel angstwekkend voortvarend die voorzieningenstructuur af. Het zorgstwekkend daarin vind ik nog de afbraak van de zorg onder het mom dat er geld wordt verspild en alles onbetaalbaar wordt. Ooit was ik jaloers op de Britse National Health, nadat we er een keer gebruik van moesten maken in een vakantie. Wat is dat enorm rustgevend en handig: een systeem dat open en bereikbaar is, waar je je níet eerst druk moet maken over je verzekeringsdekking. En wat doen de idioten hier? Die breken af, maken onbereikbaarder en ongetwijfeld als systeem niet goedkoper.
Dat gemak van 'alles om de hoek' is in vele buitenlanden niet zo vanzelfsprekend (waarbij je nóóit mag vergeten dat onze schaalgrootte anders is, kleiner). En dus is tijdens de vakantie één van de allereerste dingen die moet gebeuren, uitzoeken hoe we aan brood komen en waar de supermarkt is. Nu ik dit tik, realiseer ik me dat we nooit zonder aanleiding hebben gezocht naar de plaatselijke huisarts, tandarts of het ziekenhuis. De supermarkt; díe wel.
Het broodprobleem is meestal heel snel opgelost. Bijna altijd loopt dat via een campingreceptie, mits je dus op een camoing verblijft. De supermarkt is echter van een geheel andere orde.
Alle jaren dat we in Frankrijk onze vakantie doorbrachten, hebben we ons verbaasd over onze onmogelijkheid de Franse manier van denken te doorgronden. In een latere blogpost zal ik er nog een voorbeeld van geven.
Buitenlandse supermarkten hebben op mij aantrekkingskracht. Ik moet er altijd even kijken of ze niet toevallig 'iets speciaals' verkopen. Vorig jaar was dat bijvoorbeeld haaievlees bij de visafdeling. Maar het wordt minder: net als het winkelcentrum uniformeert het assortiment. Zo gaat de lol er wel een beetje af, want de plaatselijke winkels en markten leggen - net als hier - het loodje tegen de giganten. Maar goed, ik bedonder mezelf graag en zoek dus nog steeds naar 'dat speciale'.
Als je dan een bord ziet met de aankondiging dat er een 'hypermarché' in de buurt is, dan ga ik voor de bijl. Die móet ik even in. Welk concern het was, weet ik niet meer.
We vonden de weidewinkel nooit.
Op het bord stond "5 mins à gauche". Eén lange doorlopende weg waar de hypersupermarkt dus na vijf minuten aan onze linkerhand zou opdoemen. Niks van. Na zes en na zeven minuten ook niet. Nooit niet. We zijn dus weer teruggekeerd op onze schreden en hebben netjes de aanwijzingen van mevrouw Navigon gevolgd terug naar de camping.
Dat is dus echt een frustratie van mij: op basis van die borden langs Franse wegen lukt het me nooit een supermarkt te vinden. Vijf minuten rijden?! Hoe snel dan?! Hoe ver is dat dan ongeveer?! Of van die lekker duidelijke "xx minuten op de weg naar Y". Dan mag je nog blij zijn als Y een beetje dórp is. Want die weg vinden, is al een crime.
Van A naar B reizen, is ook cultureel bepaald. Onze afbraakleiders vergeten dat systematisch.
Het voorbeeld van die supermarkt is niet zonder betekenis. Het weerspiegelt een manier van denken die is gebaseerd op autobewegingen. In een land waar de auto min of meer standaardvervoer is, is dat ook vrij logisch. Dan kan een ziekenhuis ook best ietsje verder weg liggen. Maar niet als je OV tot speerpunt maakt. Dan heb je je voorzieningen 'om de hoek' nodig.
Zo moeilijk is dat toch niet?
Labels:
aanwijzing,
afstanden,
bezuinigen,
concurrentie,
instructie,
oriëntatie,
relativiteit,
schaalgrootte,
supermarkt
Locatie:
Leiden, Nederland
Abonneren op:
Posts (Atom)