De aantekening voor deze blogpost is van een maand geleden. We kwamen er toen achter dat KPN/Hi een grote storing had met bellen in en naar ondermeer Frankrijk. En laten wij daar toen zitten. Prima vakantie gehad overigens.
Dankzij de camping wifi wisten we dat we onbereikbaar waren en konden de thuisblijvers via de mail op de hoogte worden gesteld dat we onbereikbaar waren. Zij het dat we via de mail nog steeds wél bereikbaar waren. Maar ja, die bekijk je niet permanent. Niet dat iemand ons belde, op eentje na. En die had dus níet z'n mail opgehaald.
Onheil voorkom je niet. Sterker, dat is de essentie van onheil. Het gaat jouw macht te boven. De 'hagelstenen zo groot als duiveëieren' die soms met onweer naar beneden storten, horen bij 'de natuur'. Ook als ze dwars door het dak van de caravan schieten. Natuurgeweld is onheil.
Wat mij verbaast, is dat we 'onheil', 'toeval', 'pech' en 'fout' eigenlijk niet erkennen in de systemen die we zelf maakten. Die lijken onfeilbaar te moeten zijn. Iets wat onmogelijk is, omdat dat betekent dat je álle mogelijke scenario's moet voorzien. Het onvoorzienbare voorzien... een klassiek probleem en één van de grootste valkuilen voor innovators en trendwatchers als ze hun voorzienende vermogens overschatten.
In Frankrijk viel iets op: de vanzelfsprekendheid van het bericht dat KPN gedupeerde klanten zou compenseren.
Het is een ritueel gebaar geworden. Er gebeurt iets en 'wij' gaan er van uit dat we 'iets' ter compensatie krijgen. De stroom valt uit? Compenseren! De trein is te laat? Compenseren! 'Wij', ons belang, onze portemonnee zijn waarom het gaat. Het rituele zit 'm er in dat we het ook verwachten.
Dat verwachten heeft wel alles van doen met waarden, normen en onderlinge verhoudingen. Ooit stil gestaan bij de folders met aanbiedingen die geregeld door de brievenbus komen? Dat zouden de lokkertjes zijn waarmee de winkelier - ooit - klanten probeerde te verleiden. Hij had ze ook niet wekelijks. De grote ketens doen dat wel en bestaan inmiddels mijn of meer uit een aanbiedingenaanbod en een standaardaanbod. "Nee, ik wacht wel tot het binnenkort in de aanbiding is"; dat zinnetje heb je nog nooit gehoord? Ik hoor het al jaren vaak, en steeds vaker nu we knijp komen te zitten. Grote ketens zijn zelfs min of meer voorspelbaar geworden met hun 'uitzonderlijke aanbiedingen'.
Natuurlijk. Ik kócht een kaartje bij de NS en zij zijn degene die ik mag aanspreken als zij hun dienst niet leveren. Maar ik vind het wel een verschil of slecht onderhouden infrastructuur de oorzaak van vertraging is, of een zelfmoord of ongeluk. NS en Prorail zijn als partners één pot nat, voor het gemak. Van buiten komend onheil, zoals óók sneeuwstormen, valt niet te verwijten. Dat NS compensatie aanbiedt, is alleen maar toe te juichen. Wat me opvalt, is de vanzelfsprekendheid waarmee reizigers dat verwachten, soms éisen. Daaraan zijn grenzen.
KPN compenseert. Dan moet je bonnetjes overleggen. Onze schade is niet aantoonbaar. Ze is er wel. Eén van de thuisblijvers kreeg zeer hoge koorts en heeft geprobeerd te bellen voor advies. Moeten we nu de mogelijkheid hebben emotionele schade te claimen? Ik vind van niet. Maar ik vind ook dat KPN helemaal niets had moeten uitkeren. Een veel krachtiger gebaar was geweest de eigenaren van al die telefoons die in die periode in Frankrijk waren, een bloemetje te sturen. Dát had de band met de klant versterkt. Nu niet. Want alles wordt administratief afgewikkeld. Emotieloos.
Steeds slechter worden we in het omgaan met tegenslag. Zelfs gokkers met beleggingen durven het schadevergoeding te eisen. Dat heeft níets te maken met het aanbod, maar álles met de vanzelfsprekendheid dat het met jóuw belang wel goed komt.
Waarom eigenlijk?!
Posts tonen met het label black swan. Alle posts tonen
Posts tonen met het label black swan. Alle posts tonen
zaterdag 17 augustus 2013
Vanzelfsprekend
Labels:
black swan,
kans,
risico,
Taleb,
vanzelfsprekendheid,
verantwoordelijkheid
Locatie:
Leiden, Nederland
dinsdag 6 augustus 2013
Het ego van de schrijver
Ik worstel. Met een boek. Met een digitale versie van een boek, om precies te zijn. Voordat je denkt dat ik werkelijk lig te rollebollen met een boek. Dat niet. Sterker, het ís niet eens een boek om mee te rollebollen. Misschien is juist dat het probleem.
Het is een serieus boek. Van een serieus iemand. Iemand die al eerder serieuze boeken schreef. Ook boeken die aandacht trokken, in de zin dat ze werkelijk invloed hadden op het denken van lezers.

Het boek dat ik doorworstel, is 848 pagina's dik. Dat is variabel, want het is de digitale versie. Als ik m'n iPad kantel naar landscape zijn het plots 1546 pagina's. De beste samenvatting is dan ook: best veel bladzijdes om te lezen.
De worsteling kroop er langzaam in. Zeker de eerste tientallen pagina's gingen vlotjes en vooral gepaard met een gevoel dat er hier zich iets moois zou gaan ontrollen. Wat is er mooier, in deze turbulente tijden, dan iets te lezen over situaties die juist worden gevoed door chaos, crisis en fragiliteit? Die daaruit dus juist stérker tevoorschijn komen?
Nassim Nicholas Taleb zal dat uit de doeken doen in Antifragility; Things That Gain From Disorder. Zoals gezegd, de start ís ook veelbelovend. Maar Nassim loopt hopeloos vast, terwijl-i de lezer al veel eerder kwijtraakte. Ik neem mezelf maar even als 'de lezer'. Dat kan ik vast wel doen, omdat ik mezelf zorgen maakte toen ik de draad niet meer zag en ben gaan zoeken op het Internet. Het boek wordt met de grond gelijk gemaakt. Vanwege het met de haren erbij slepen van willekeurige voorbeelden. Enigmatisch is een term die schrijfsels dekt die ondoorgrondelijk zijn, maar mooi in hun stijl. Da's dit niet. Het is een gesloten bolwerk waarin geen twijfel bestaat over de juistheid en grootsheid van de schrijver.
Wat was ik opgelucht toen ik las dat gerenommeerde critici en lezers dat ook zo vonden. En veel beter verwoordden.
Inmiddels ben ik iets over de helft van het boek. Of ik ooit het eind ga halen, durf ik nu nog niet te voorspellen. Wel dat er zeer zinnige gedachten in staan, waarvan de belangrijkste is dat we niet teveel moeten vertrouwen op ons rekenkundig vermogen als het gaat om de toekomst. In het begin dacht ik dat hij zowat de statistiek als zodanig ter discussie stelde, maar gaandeweg werd duidelijk dat het gaat om het gebruik en de interpretatie. Taleb blijkt zich vooral druk te maken over onze verwaarlozing van de statistische uitbijters en scheve verhoudingen. Terecht stelt hij dat effecten moeten worden gewógen. Veel nadelige kunnen heel goed worden gecompenseerd door minder voorkomende, maar grotere, positieve effecten.

Wat het betoog echter stoort, is het ego van de schrijver. Dom ben ik niet. Bovenmatig slim ook niet. Zeer geregeld raakte ik de draad van het betoog kwijt. Vooral daar waar hij voor mijn gevoel aan de haal ging met de oude filosofen. Het werd echter duidelijker op de momenten dat hij 'eer opeist'.
Dan ineens zie je de schrijver voor je: aan zijn schrijftafel, gefrustreerd over al dat onbegrip voor hem en zijn genialiteit. Die frustratie klinkt teveel door in het boek. Da's jammer, want mij weerhoudt het ervan lekker door te lezen.
Zoals gezegd: ik zocht naar boekbesprekingen. Die vond ik ook. Omdat dit absoluut geen inhoudelijke boekbespreking moest worden, maar de signalering hoe de boodschap kan verdwijnen onder een ego; deze vond ik wel mooi: The New York Times, The Guardian en Forbes.
Wel of niet lezen? Moeilijk. Ik denk dat het goed is te worden gewezen op 'onverwachtheid', 'onvoorspelbaarheid', 'risico' en 'kansen'. En op de beperkingen van de dominante manier van denken daarover. Maar het zou allemaal wel een stuk toegankelijker kunnen.
Het is een serieus boek. Van een serieus iemand. Iemand die al eerder serieuze boeken schreef. Ook boeken die aandacht trokken, in de zin dat ze werkelijk invloed hadden op het denken van lezers.
Het boek dat ik doorworstel, is 848 pagina's dik. Dat is variabel, want het is de digitale versie. Als ik m'n iPad kantel naar landscape zijn het plots 1546 pagina's. De beste samenvatting is dan ook: best veel bladzijdes om te lezen.
De worsteling kroop er langzaam in. Zeker de eerste tientallen pagina's gingen vlotjes en vooral gepaard met een gevoel dat er hier zich iets moois zou gaan ontrollen. Wat is er mooier, in deze turbulente tijden, dan iets te lezen over situaties die juist worden gevoed door chaos, crisis en fragiliteit? Die daaruit dus juist stérker tevoorschijn komen?
Nassim Nicholas Taleb zal dat uit de doeken doen in Antifragility; Things That Gain From Disorder. Zoals gezegd, de start ís ook veelbelovend. Maar Nassim loopt hopeloos vast, terwijl-i de lezer al veel eerder kwijtraakte. Ik neem mezelf maar even als 'de lezer'. Dat kan ik vast wel doen, omdat ik mezelf zorgen maakte toen ik de draad niet meer zag en ben gaan zoeken op het Internet. Het boek wordt met de grond gelijk gemaakt. Vanwege het met de haren erbij slepen van willekeurige voorbeelden. Enigmatisch is een term die schrijfsels dekt die ondoorgrondelijk zijn, maar mooi in hun stijl. Da's dit niet. Het is een gesloten bolwerk waarin geen twijfel bestaat over de juistheid en grootsheid van de schrijver.
Wat was ik opgelucht toen ik las dat gerenommeerde critici en lezers dat ook zo vonden. En veel beter verwoordden.
Inmiddels ben ik iets over de helft van het boek. Of ik ooit het eind ga halen, durf ik nu nog niet te voorspellen. Wel dat er zeer zinnige gedachten in staan, waarvan de belangrijkste is dat we niet teveel moeten vertrouwen op ons rekenkundig vermogen als het gaat om de toekomst. In het begin dacht ik dat hij zowat de statistiek als zodanig ter discussie stelde, maar gaandeweg werd duidelijk dat het gaat om het gebruik en de interpretatie. Taleb blijkt zich vooral druk te maken over onze verwaarlozing van de statistische uitbijters en scheve verhoudingen. Terecht stelt hij dat effecten moeten worden gewógen. Veel nadelige kunnen heel goed worden gecompenseerd door minder voorkomende, maar grotere, positieve effecten.
Wat het betoog echter stoort, is het ego van de schrijver. Dom ben ik niet. Bovenmatig slim ook niet. Zeer geregeld raakte ik de draad van het betoog kwijt. Vooral daar waar hij voor mijn gevoel aan de haal ging met de oude filosofen. Het werd echter duidelijker op de momenten dat hij 'eer opeist'.
Dan ineens zie je de schrijver voor je: aan zijn schrijftafel, gefrustreerd over al dat onbegrip voor hem en zijn genialiteit. Die frustratie klinkt teveel door in het boek. Da's jammer, want mij weerhoudt het ervan lekker door te lezen.
Zoals gezegd: ik zocht naar boekbesprekingen. Die vond ik ook. Omdat dit absoluut geen inhoudelijke boekbespreking moest worden, maar de signalering hoe de boodschap kan verdwijnen onder een ego; deze vond ik wel mooi: The New York Times, The Guardian en Forbes.
Wel of niet lezen? Moeilijk. Ik denk dat het goed is te worden gewezen op 'onverwachtheid', 'onvoorspelbaarheid', 'risico' en 'kansen'. En op de beperkingen van de dominante manier van denken daarover. Maar het zou allemaal wel een stuk toegankelijker kunnen.
Labels:
black swan,
boek,
egotripperij,
frustratie,
geldhandelaar,
invloed,
leesbaarheid,
overmoed,
Taleb
Locatie:
Leiden, Nederland
Abonneren op:
Posts (Atom)